Relikwieën en documenten (1985)

reliquieen

Inleiding

Op 20 april 1985 hield Hermans bij de opening van de nieuwe behuizing van het toenmalige Nederlands Letterkundig Museum en Documentatiecentrum in Den Haag de toespraak ‘Relikwieën en documenten’, die gelijktijdig in druk verscheen bij Uitgeverij De Bezige Bij. Corrie Lubberhuizen had Hermans ongeveer tweeënhalve maand vóór de lezing benaderd met de vraag of Hermans niet ook iets voelde voor een bibliofiele uitgave van zijn tekst, te verschijnen bij haar Cornamona Pers. Hermans stemde met dit plan in en in augustus 1985 verscheen in een oplage van vijfenzeventig exemplaren ook dit boekje. Deze tweede en laatste druk, die nauwelijks verschilt van de Bezige Bij-uitgave, vormt het uitgangspunt voor de tekst van de editie.

De tekstgeschiedenis van Relikwieën en documenten biedt een overzicht van alle in het onderzoek gebruikte documentaire primaire bronnen, met bibliografische verwijzingen naar gedrukt materiaal en beschrijvingen van niet openbaar toegankelijk archiefmateriaal; dit onderdeel bevat bovendien uniek beeldmateriaal uit het archief-Hermans.

De tekstbezorging van Relikwieën en documenten bestaat uit drie lijsten. Bij de editeursingrepen wordt een overzicht gegeven van alle correcties die in de geëditeerde tekst zijn aangebracht. De twee andere lijsten geven overzichten van witregels die in de editie van Relikwieën en documenten samenvallen met het einde van een pagina en koppeltekens die voorkomen aan het einde van een regel.


De tekstgeschiedenis van Relikwieën en documenten. Een toespraak

De hieronder gepresenteerde lijst biedt een beknopt overzicht van alle overgeleverde primaire documentaire bronnen van Relikwieën en documenten. Een toespraak die van belang zijn voor de tekstgeschiedenis van de uitgave. Deze zogenaamde ‘overlevering’ bestaat per bron uit drie onderdelen: een gecodeerde aanduiding van de bron (het sigle), een korte beschrijving van de bron met een datering en, indien van toepassing, een verwijzing naar de relevante nummers in de primaire Hermans-bibliografieën Het bibliografische universum van Willem Frederik Hermans van Janssen en Van Stek (verder: JS) of Schrijven is verbluffen van Delvigne en Janssen (verder: DJ).[1]
Alle niet openbaar toegankelijke bronnen krijgen een beknopte documentaire beschrijving die direct vanuit de overlevering aanklikbaar is. De bronbeschrijvingen kunnen ook in chronologische volgorde worden geraadpleegd. Deze beschrijvingen geven via een aantal illustratieve voorbeelden aan hoe Hermans zijn teksten in de loop van een groot aantal jaren herzag en gaan ook in op de rol van derden (uitgevers, redacteuren, typografen, zetters, correctoren en lezers) bij dit voortdurende proces van herzien en verbeteren.[2] Aan de beschrijvingen gaat een korte bibliografische typering vooraf: deze bestaat achtereenvolgens uit het sigle, de beknopte beschrijving van de bron, omvang, datering, een verwijzing naar de plaats van herkomst en een eventuele signatuur. Bij bronnenmateriaal uit het archief-Hermans is een afbeelding toegevoegd.


[1]Zie voor een meer uitgebreide toelichting bij de Overlevering de Inleiding bij de Tekstgeschiedenis van de roman Conserve (Volledige Werken Deel 1).
[2] Uit het archiefonderzoek voor de tekstconstitutie blijkt dat Hermans incidenteel ook wijzigingen aanbracht in teksten die in een bloemlezing werden opgenomen. Ook die krijgen een aparte bronbeschrijving. Primaire bronnen zonder inhoudelijke correcties, die wel zijn opgenomen in Het bibliografische universum, krijgen geen aparte beschrijving.


Overlevering

verwijst naar een afbeelding afkomstig uit het archief-Hermans/collectie Frans A. Janssen

M1 Typoscript (doorslag) van Relikwieën en documenten. Een toespraak (1985)
M2 Typoscript (kopij) van Relikwieën en documenten. Een toespraak (1985)
D1 Eerste druk van Relikwieën en documenten. Een toespraak (1985) (JS 386)
P1 Drukproef (revisie) voor de tweede druk van Relikwieën en documenten. Een toespraak (1985)
D2 Tweede druk van Relikwieën en documenten. Een toespraak (1985) (JS 387)

Bronbeschrijvngen van Relikwieën en documenten. Een toespraak

M1
Typoscript (doorslag) van Relikwieën en documenten. Een toespraak
Omvang: [ 13 vellen ]
Februari 1985
Archief Uitgeverij De Bezige Bij

Een doorslag van een ongedateerd nettyposcript van Relikwieën en documenten. Een toespraak wordt bewaard in het archief van Uitgeverij De Bezige Bij.[1] Op het eerste vel met titelgegevens na, staan op elk vel enkele handschriftelijke correcties van Hermans. Het gaat om beperkte herformuleringen, het doorhalen of toevoegen van een of enkele woorden en correcties van tikfouten.
Op twee plaatsen zijn Hermans’ wijzingen iets omvangrijker. In een zin over de eerste druk van Multatuli’s Max Havelaar voegde hij de woorden ‘die ook al niet door Multatuli zelf is gecorrigeerd’ toe, iets verder schrapte hij de zin: ‘In tegenstelling tot sommige weduwen van sommige schrijvers zijn we niet van plan de brand erin te steken.’[2]
Begin februari 1985 was Hermans’ toespraak ‘in klad gereed’,[3] en eind februari stuurde hij de doorslag van het nettyposcript naar De Bezige Bij: ‘Hierbij stuur ik je […] [h]et tikschrift van Relikwieën en documenten.’[4]

klein_DSC0005
© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


M2
Typoscript (kopij) van Relikwieën en documenten. Een toespraak
Omvang: [ 16 pagina’s ]
Maart 1985
Archief Uitgeverij De Bezige Bij

In een oranje map met het opschrift ‘W.F. Hermans / Relikwieën en dokumenten’ in het archief van Uitgeverij De Bezige Bij bevindt zich een kopie van de door de uitgeverij ontvangen doorslag van Relikwieën en documenten. Een toespraak (M1).[5] De kopie, die op de uitgeverij werd voorzien van een omslagontwerp en drie pagina’s voorwerk, diende als kopij voor de boekuitgave en is voorzien van het stempel ‘master copy’, een paraaf en de datum ‘1/3/85’.[6] Het voorwerk beslaat de Franse titelpagina, de titelpagina (waarvoor een kopie van het titelvel van Hermans’ typoscript werd hergebruikt) en een pagina met een handgeschreven drukcolofon en de tekst: ‘Toespraak gehouden ter gelegenheid van de opening van het Nederlands Letterkundig Museum te Den Haag, op 20 april 1985’. Op het voorwerk staan uitgebreide typografische instructies met op de titelpagina bijvoorbeeld de aanwijzing: ‘Zetwijze als drukke dagen’.[7]
Op de kopie staan geen correcties van Hermans zelf, maar wel een beperkt aantal aantekeningen van een redacteur in potlood. Het gaat dan om kleine redactionele wijzigingen en om verduidelijkingen voor de zetter: letters die bij het kopiëren waren weggevallen werden aangevuld, meegekopieerde correcties van Hermans verduidelijkt en witregels expliciet gemarkeerd.
Dolf Hamming van Uitgeverij De Bezige Bij liet Hermans een paar dagen na ontvangst van diens typoscript weten: ‘Ik zal je zo snel mogelijk drukproeven sturen van Relikwieën en documenten. Het wordt nog in lood gezet (bij Geuze in Dordrecht) zodat ook de Cornamona Pers kan beschikken over goed zetsel.’[8]

klein_DSC0032

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


P1
Drukproef (revisie) voor de tweede druk van Relikwieën en documenten. Een toespraak
Omvang: [ 2 katernen ]
Mei 1985
Letterkundig Museum
WFH (Drukproeven) Relikwieën en documenten

Hoewel Uitgeverij De Bezige Bij de eerste druk van Relikwieën en documenten. Een toespraak met het oog op de bibliofiele uitgave van de Cornamona Pers van Corrie Lubberhuizen in lood had laten zetten, werd voor deze uitgave toch nieuw zetsel vervaardigd.[9] Een revisieproef voor deze druk, met een aantekening van Hermans, redactionele aanwijzingen voor de zetter en enkele minieme correcties,[10] wordt bewaard in het archief-Hermans. De proef bestaat uit twee losse katernen, waarvan het eerste door Hermans met potlood is voorzien van de mededeling: ‘revisie, ontvangen 22 mei ’85’.[11]
Aan Frans Janssen schreef Hermans enige dagen na ontvangst van de proef: ‘Ik heb een proef gekregen van de luxe-editie Relikwieën en documenten. Het wordt geloof ik wel netjes. Ik had die proef gaarne aan je oordeel onderworpen, maar Corrie Lubberhuizen, toch al laat, had er nogal wat haast mee.’[12] De tweede druk van Relikwieën en documenten. Een toespraak zou uiteindelijk in augustus 1985 verschijnen.[13]

klein_DSC0038

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


[1] Het typoscript beslaat dertien doorslagvellen: twaalf witte en een blauwe.
[2] Zie Willem Frederik Hermans, Volledige Werken, deel 14. Amsterdam 2011: Het eerste fragment op p. 51, de geschrapte zin volgde na ‘Voort, voort, we branden van nieuwsgierigheid.’, op p. 56.
[3] Hermans aan Anton Korteweg (Letterkundig Museum), 9 februari 1985, doorslag in archief-Hermans. Hermans schreef het kladtyposcript vermoedelijk op telexpapier, want aan Frans Janssen had hij eerder al laten weten: ‘Voor de opening van het Litterair Museum heb ik al meer dan drie meter tekst’ (Hermans aan Frans Janssen, 16 januari 1985, doorslag in archief-Hermans). Zie hiervoor ook de Commentaar bij Relikwieën en documenten. Een toespraak in de editie, p. 784. Van Hermans’ lezing ‘Het boek der boeken, bij uitstek’, die in 1986 in druk verscheen, is wel een kladtyposcript op telexpapier bewaard gebleven. Zie hiervoor de Tekstgeschiedenis van Het boek der boeken, bij uitstek (M1).
[4] Hermans aan Uitgeverij De Bezige Bij, 27 februari 1985, doorslag in archief-Hermans.
[5] In de oranje map bevinden zich nog twee complete kopieën van M1, zonder uitbreidingen en nieuwe aantekeningen. Deze kopieën spelen geen rol in de tekstgeschiedenis.
[6] Bij de kopieën bevindt zich een ongedateerd vel met een handgeschreven omslagontwerp voor het boekje. Op dit vel staan de titelgegevens, aangevuld met aanwijzingen voor de zetter en een stempel: ‘spoedopdracht’. De ondertitel ‘Een toespraak’, die ook op de titelpagina van Hermans’ typoscript staat vermeld, is op dit vel overgenomen, maar ook weer doorgestreept.
[7] Bedoeld is het nieuwjaarsgeschenk Drukke dagen van Jules Deelder, dat De Bezige Bij begin 1985 verzonden had aan vrienden en relaties van de uitgeverij.
[8] Dolf Hamming (Uitgeverij De Bezige Bij) aan Willem Frederik Hermans, 4 maart 1985, archief-Hermans. De Cornamona Pers van Lubberhuizen gaf vanaf 1981 bibliofiele uitgaven uit. Zie ook hieronder de beschrijving van de drukproef (P1) voor de tweede druk van Relikwieën en documenten. Een toespraak.
[9] Zie hiervoor de Commentaar bij Relikwieën en documenten. Een toespraak in de editie, p. 786.
[10] Hermans omcirkelde op de proef op één plaats beschadigd zetsel. De aanwijzingen voor de zetter staan op de titelpagina, bij het drukcolofon en op pagina acht. Een te ruim gespatieerde regel werd opgelost en op dezelfde pagina werd tweemaal een spatie toegevoegd na de ‘f’ in ‘f1,75’.
[11] Corrie Lubberhuizen had Hermans de proef op 20 mei 1985 toegestuurd: ‘Hierbij de gecorrigeerde – ook typografisch – drukproef van Relikwieën.’ Hermans ontving eerder ook al proeven van Corrie Lubberhuizen, waaronder een op 30 april 1985, met de mededeling: ‘Hierbij – waarschijnlijk – de laatste drukproef.’ (Corrie Lubberhuizen aan Hermans, 20 mei en 30 april 1985, archief-Hermans). De proef is niet overgeleverd in het archief-Hermans.
[12] Hermans aan Frans Janssen, 22 mei 1985, doorslag in archief-Hermans.
[13] Deze tweede druk wijkt alleen in enkele details af van de eerste druk van Relikwieën en documenten. Een toespraak. Een afhaling ontbreekt, een komma is geschrapt, eenmaal is ‘ze’ veranderd in ‘zij’ en ‘Geert Lubberhuizen’ werd aangepast naar ‘Geertjan Lubberhuizen’.


De tekstbezorging van Relikwieën en documenten. Een toespraak

De tekstbezorging bestaat uit drie lijsten. Bij de editeursingrepen wordt een overzicht gegeven van alle correcties die in de geëditeerde tekst zijn aangebracht. De twee andere lijsten geven overzichten van witregels die in de editie van Relikwieën en documenten samenvallen met het einde van een pagina en koppeltekens die voorkomen aan het einde van een regel.

Editeursingrepen

In de uitgave van Relikwieën en documenten in de Volledige Werken zijn, op grond van het kritisch onderzoek van de basistekst (tweede druk, 1985 (D2)) en de tekstvergelijking van voorafgaande boekdrukken, tijdschriftpublicaties en overige primaire en secundaire documentaire bronnen die relevant zijn voor de tekstgeschiedenis, de hieronder volgende correcties in de basistekst aangebracht. Na het paginacijfer en het regelnummer van de boekuitgave wordt eerst de verbeterde lezing vermeld, gevolgd door de oorspronkelijke, foutieve lezing van de basistekst. Indien een of meer voorafgaande versies de juiste lezing hebben wordt daarna via het sigle verwezen naar de meest recente tekstversie met deze lezing.

p. 55, r. 23-24 van een ‘rebuilt’ schrijfmachine, van een ‘rebuilt schrijfmachine, D1
p. 60, r. 20-21 in de ik-vorm. in de ikvorm. M2

Witregels

In de uitgave van Relikwieën en documenten. Een toespraak valt het staartwit van de pagina nergens samen met een witregel.


Koppeltekens

In de uitgave van Relikwieën en documenten moeten de afbrekingstekens in de hieronder vermelde woorden als koppelteken gelezen worden:

p. 47, r. 29-30 niet-letterkundige
p. 60, r. 20-21 ik-vorm


Naar boven