Nooit meer slapen (1966)

nooit

Inleiding

Nooit meer slapen, de eerste roman die Hermans bij Uitgeverij De Bezige Bij publiceerde, verscheen in februari 1966. Al in juni van dat jaar volgde een tweede druk. Hermans zou Nooit meer slapen in de jaren die volgden herhaaldelijk herzien. Vaak waren de wijzigingen beperkt in omvang, maar niet altijd: de elfde druk van Nooit meer slapen uit 1973 en de zestiende druk uit 1979 waren door Hermans ingrijpend gewijzigd. Ook de vijfentwintigste druk, verschenen in februari 1993, bevatte weer tientallen nieuwe correcties. Deze vijfentwintigste druk vormt het uitgangspunt voor de tekst van de editie.

De tekstgeschiedenis van Nooit meer slapen biedt een overzicht van alle in het onderzoek gebruikte documentaire primaire bronnen, met bibliografische verwijzingen naar gedrukt materiaal en beschrijvingen van niet-openbaar toegankelijk archiefmateriaal; dit onderdeel bevat bovendien uniek beeldmateriaal uit het archief-Hermans.

De tekstbezorging van Nooit meer slapen bestaat uit drie lijsten. Bij de editeursingrepen wordt een overzicht gegeven van alle correcties die in de geëditeerde tekst zijn aangebracht. De twee andere lijsten geven overzichten van witregels die in de editie van Nooit meer slapen samenvallen met het einde van een pagina en koppeltekens die voorkomen aan het einde van een regel.


De tekstgeschiedenis van Nooit meer slapen

De hieronder gepresenteerde lijst biedt een beknopt overzicht van alle overgeleverde primaire documentaire bronnen van Nooit meer slapen die van belang zijn voor de tekstgeschiedenis van de roman. Deze zogenaamde ‘overlevering’ bestaat per bron uit drie onderdelen: een gecodeerde aanduiding van de bron (het sigle), een korte beschrijving van de bron met een datering en, indien van toepassing, een verwijzing naar de relevante nummers in de primaire Hermans-bibliografieën Het bibliografische universum van Willem Frederik Hermans van Janssen en Van Stek (verder: JS) of Schrijven is verbluffen van Delvigne en Janssen (verder: DJ).[1]
Alle niet openbaar toegankelijke bronnen krijgen een beknopte documentaire beschrijving die direct vanuit de overlevering aanklikbaar is. De bronbeschrijvingen kunnen ook in chronologische volgorde worden geraadpleegd. Deze beschrijvingen geven via een aantal illustratieve voorbeelden aan hoe Hermans zijn teksten in de loop van een groot aantal jaren herzag en gaan ook in op de rol van derden (uitgevers, redacteuren, typografen, zetters, correctoren en lezers) bij dit voortdurende proces van herzien en verbeteren.[2] Aan de beschrijvingen gaat een korte bibliografische typering vooraf: deze bestaat achtereenvolgens uit het sigle, de beknopte beschrijving van de bron, paginering, datering, een verwijzing naar de plaats van herkomst en een eventuele signatuur. Bij bronnenmateriaal uit het archief-Hermans is een afbeelding toegevoegd.

[1] Zie voor een meer uitgebreide toelichting bij de Overlevering de Inleiding bij de Tekstgeschiedenis van de roman Conserve (Volledige Werken Deel 1).
[2] Uit het archiefonderzoek voor de tekstconstitutie blijkt dat Hermans incidenteel ook wijzigingen aanbracht in teksten die in een bloemlezing werden opgenomen. Ook die krijgen een aparte bronbeschrijving. Primaire bronnen zonder inhoudelijke correcties, die wel zijn opgenomen in Het bibliografische universum, krijgen geen aparte beschrijving.


Overlevering

verwijst naar een afbeelding afkomstig uit het archief-Hermans/ collectie Frans A. Janssen/ archief De Bezige Bij

P1

Drukproef voor de eerste druk van Nooit meer slapen

(1966)

€

€€

D1

Eerste druk van Nooit meer slapen

(1966)

(JS 229)

€€

D2

Tweede druk van Nooit meer slapen

(1966)

(JS 230)

€€

D3

Derde druk van Nooit meer slapen

(1967)

(JS 231)

€€

D3m1

Correctie-exemplaar van de derde druk van Nooit meer slapen

(1967-1968)

€€

D4

Vierde druk van Nooit meer slapen

(1968)

(JS 232)

€€

D5

Vijfde druk van Nooit meer slapen

(1969)

(JS 233)

€€

D5m2

Correctie-exemplaar van de vijfde druk van Nooit meer slapen

(1969)

€

D6

Zesde druk van Nooit meer slapen

(1969)

(JS 234)

€€

D6m3

Correctie-exemplaar van de zesde druk van Nooit meer slapen

(1969-1970)

€€

D7

Zevende druk van Nooit meer slapen

(1970)

(JS 235)

€€

D7m4

Correctie-exemplaar van de zevende druk van Nooit meer slapen

(1970-1971)

D8

Achtste druk van Nooit meer slapen

(1971)

(JS 236)

€€

D9

Negende druk van Nooit meer slapen

(1971)

(JS 237)

€€

D10

Tiende druk van Nooit meer slapen

(1972)

(JS 238)

€€

D10m5

Correctie-exemplaar van de tiende druk van Nooit meer slapen

(1972)

€€

D10m6

Kopijexemplaar van de tiende druk voor de elfde druk van Nooit meer slapen

(1972-1973)

€€

D11

Elfde druk van Nooit meer slapen

(1973)

(JS 239)

€€

D12

Twaalfde druk van Nooit meer slapen

(1974)

(JS 240)

€€

D13

Dertiende druk van Nooit meer slapen

(1976)

(JS 241)

€€

D14

Veertiende druk van Nooit meer slapen

(1977)

(JS 242)

€€

D12m7

Correctie-exemplaar van de twaalfde druk van Nooit meer slapen

(1978)

€€

D14m8

Correctie-exemplaar van de veertiende druk van Nooit meer slapen

(1978)

€€

D14m9

Kopijexemplaar van de veertiende druk voor de zestiende druk van Nooit meer slapen

(1978)

€€

€€

P2

Drukproef voor de zestiende druk van Nooit meer slapen

(1978)

€€

P3

Drukproef (revisie) voor de zestiende druk van Nooit meer slapen

(1978)

€€

D15

Zestiende druk van Nooit meer slapen

(1979)

(JS 244)

€€

D16

Zeventiende druk van Nooit meer slapen

(1981)

(JS 245)

€€

D16m10

Correctie-exemplaar van de zeventiende druk van Nooit meer slapen

(1981/1982)

€€

D17

Achttiende druk van Nooit meer slapen

(1983)

(JS 246)

€€

D17m11

Correctie-exemplaar van de achttiende druk van Nooit meer slapen

(1983/1984)

€€

D18

Negentiende druk van Nooit meer slapen

(1984)

(JS 247)

€€

D18m12

Correctie-exemplaar van de negentiende druk van Nooit meer slapen

(1984-1986)

€€

D19

Eenentwintigste druk van Nooit meer slapen

(1986)

(JS 249)

€€

D19m13

Correctie-exemplaar van de eenentwintigste druk van Nooit meer slapen

(1988)

€€

D20

Tweeëntwintigste druk van Nooit meer slapen

(1989)

(JS 250)

€€

D20m14

Correctie-exemplaar van de tweeëntwintigste druk van Nooit meer slapen

(1989-1991)

€€

D21

Drieëntwintigste druk van Nooit meer slapen

(1991)

(JS 251)

€€

D21m15

Correctie-exemplaar van de drieëntwintigste druk van Nooit meer slapen

(1991)

€€

D21m16

Correctie-exemplaar van de drieëntwintigste druk van Nooit meer slapen

(1991)

€€

D22

Vierentwintigste druk van Nooit meer slapen

(1991)

(JS 252)

€€

D22m17

Correctie-exemplaar van de vierentwintigste druk van Nooit meer slapen

(1991-1992)

€€

D22m18

Correctie-exemplaar van de vierentwintigste druk van Nooit meer slapen

(1991-1992)

€€

D23

Vijfentwintigste druk van Nooit meer slapen

(1993)

(JS 253)

€€

Bronbeschrijvingen van Nooit meer slapen (1966)

P1
Drukproef (revisie) voor de eerste druk van Nooit meer slapen
Omvang: [1-256]
Januari 1966
Collectie Frans A. Janssen

Van Nooit meer slapen is een volledige revisieproef voor de eerste druk overgeleverd die bestaat uit zestien katernen en een losse pagina. De proef heeft op de Franse titelpagina een stempel van de drukkerij: ‘Verzoeke model (kopy) en / één dezer proeven voor / akkoord getekend terug te / zenden aan: drukkerij bosch / accoord voor afdrukken / Paraaf’ en is eronder gedateerd met ‘13-1-66’; een paraaf ter goedkeuring ontbreekt. Onder het stempel staat de mededeling: ‘Beste Adriaan, / dit is wel een revisie, maar / er zit toch nog een aantal kleine foutjes / in. Groet, Oscar’.[1] Die foutjes werden waarschijnlijk in een ander, niet bewaard gebleven exemplaar van de revisieproef aangetekend, want de overgeleverde drukproef heeft geen correcties.[2]
De revisieproef bevat nog een groot aantal kleine en grotere onvolkomenheden. Herhaaldelijk is er sprake van weggevallen letters, vergeten inspringingen en andere onregelmatigheden in het zetsel. Incidenteel is een witregel weggevallen en enkele zinnen en delen van alinea’s werden dubbel of juist incompleet gezet. Twee pagina’s van de proef hebben onderaan de mededeling ‘2 regel[s] te lang’. In de eerste druk werd dit probleem op verschillende manieren opgelost: eenmaal werden twee alineascheidingen geschrapt om het verloop op te vangen, in het tweede geval werden twee regels naar een volgende pagina verplaatst. In de hoofdstukken 39 en 40 werd een regel teveel op de pagina opgelost door een witregel tussen hoofdstuknummer en eerste tekstregel van het hoofdstuk te schrappen.
De overgeleverde revisieproef heeft ten opzichte van de latere druk ook kleine redactionele verschillen: zo zijn er afwijkingen in spelling en kleine grammaticale verbeteringen. Opvallend zijn verder vooral de laatste pagina’s van de proef. Na de voorlaatste pagina, die eindigt met de slotzin ‘Maar geen enkel bewijs voor de hypothese die ik moest bewijzen.’, heeft de proef op de laatste pagina, voorafgaand aan de datering ‘Groningen, sept ’62-sept. ’65’, nog de regels ‘waarom ik verdrietig ben en als het zover komen mocht dat ik een ander leven begin, zal ik haar alleen maar verdriet doen en zij zal er nooit iets van begrijpen.’ De eerste vier woorden van dit fragment sluiten aan bij het slot van de tweede zin van de laatste alinea. Mogelijk ging het ook hier om een fout bij het zetten en had de toevoeging deel moeten uitmaken van de voorafgaande alinea. Bij de proefcorrectie bleef de versie van deze proef echter gehandhaafd. De losstaande passage kwam niet terecht in de eerste druk van Nooit meer slapen.[3]

_dsc0053

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D3m1
Correctie-exemplaar van de derde druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
November 1967-april 1968
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [1]

In april 1968 had Uitgeverij De Bezige Bij Hermans, net als eerder voor de tweede en de derde druk, om correcties voor weer een nieuwe herdruk van Nooit meer slapen verzocht.[4] Hermans gaf de correcties door die hij eerder had genoteerd in een correctie-exemplaar van de derde druk met op de rug een stickertje met het opschrift ‘3e druk’. De Franse titelpagina, met de notitie ‘W.F. Hermans / 1 nov ’67’, verwijst naar zeven paginanummers met correcties. In het boek komt nog een extra correctie voor.
De veranderingen die Hermans in dit correctie-exemplaar aanbracht zijn niet ingrijpend. Hij voegde op pagina 15 een afbreekstreepje toe dat in de eerste twee drukken wél voorkwam, maar in de derde ontbrak, schrapte twee komma’s en voegde een inspringing toe. Daarnaast zijn er enkele stilistische en inhoudelijke correcties. Hermans verlengde een zware tocht met een uur, niet tot half vijf, maar tot half zes (‘Om half zes staat Arne stil op de vlakke top van een heuveltje, dicht bij het water en doet zijn rugzak af.’), en bij de beschrijving van het gesprek tussen Arne en Qvigstad over een monument voor een sterke man in Tromsø veranderde Hermans de zin ‘Hebben ze daar zeker laten liggen omdat er sindsdien geen man geboren is, sterk genoeg om hem weer weg te brengen.’ in ‘Hebben ze daar zeker laten liggen omdat die man toch niet sterk genoeg was om hem weer weg te brengen.’ De niet in het overzicht op de Franse titelpagina vermelde correctie is de verandering van ‘sinaasappelbomen’ naar ‘vijgebomen’ in het fragment ‘Jezus had gemakkelijk praten. Die wist niet beter of de hele wereld was met sinaasappelbomen begroeid.’[5] Alle correcties werden overgenomen in de vierde druk van Nooit meer slapen, die in mei 1968 verscheen.

_dsc0012

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D5m2
Correctie-exemplaar van de vijfde druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
1969
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [3]

Eind september 1969 kondigde De Bezige Bij de zesde druk van Nooit meer slapen aan.[6] In Hermans’ correctie-exemplaar van de vijfde druk staat op de Franse titelpagina de oplage van de druk vermeld: ‘4000 exx’,[7] met hieronder een paginanummer: 149. Op de betreffende pagina staat bij de zetfout ‘buiteu’ een kringel in de kantlijn. Bij de productie van de vijfde druk van Nooit meer slapen, die was gezet van het bewaarde zetsel van de eerdere druk, was de ‘n’ uit dit staande zetsel gevallen en ondersteboven teruggestopt.[8] De fout werd hersteld in de zesde druk van Nooit meer slapen, die verder geen wijzigingen bevat.

_dsc0013

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D6m3
Correctie-exemplaar van de zesde druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
December 1969-mei 1970
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [4]

Het archief-Hermans bevat een correctie-exemplaar van de zesde druk van Nooit meer slapen, die in december 1969 was verschenen. De Franse titelpagina van dit ongedateerde correctie-exemplaar heeft verwijzingen naar drie pagina’s met correcties. Hermans streepte een weggevallen letter aan, die in de voorafgaande drukken nog wel in het zetsel stond, en omcirkelde een drukfout. Een van de op de Franse titelpagina genoemde paginanummers heeft in het boek geen correctie van Hermans, wel waren daar opnieuw twee letters weggevallen. Uitgeverij De Bezige Bij stuurde Hermans medio mei een ander, niet bewaard gebleven correctie-exemplaar voor de nieuwe herdruk, dat Hermans binnen een week retourneerde.[9] Alle weggevallen letters en de drukfout werden in de zevende druk van Nooit meer slapen (juli 1970) gecorrigeerd.

_dsc0019

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D7m4
Correctie-exemplaar van de zevende druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
Augustus 1970 – maart 1971
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [5]

Een correctie-exemplaar van de zevende druk, op de versozijde van het omslag voorzien van de aantekening ‘W.F. Hermans / 20 aug 70’, heeft opnieuw enkele minieme correcties. Hermans verbeterde een dt-fout die in alle drukken tot nu toe stond (‘Ik loop de hele dag rond, maar vindt niets’), omcirkelde twee weggevallen letters en voegde een verdwenen punt toe.[10] Bovendien gaf Hermans bij het drukoverzicht aan dat de nieuwe druk daaraan moest worden toegevoegd.

_dsc0021

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D10m5
Correctie-exemplaar van de tiende druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
Juni 1972-december 1972
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [6]

Een correctie-exemplaar van de tiende druk, op de versozijde van het omslag door Hermans voorzien van de datering ‘12 juni 1972’, heeft op de Franse titelpagina verwijzingen naar drie pagina’s met correcties. Twee daarvan hebben betrekking op fouten in het zetsel. De derde correctie betrof de toevoeging van de achternaam ‘Jordal’ bij het personage Arne. Binnenin het boek bracht Hermans op meer dan honderd plaatsen correcties aan. Voor het overgrote deel gaat het om correcties van het Noors, die gedeeltelijk inhoudelijke gevolgen hebben. De correcties die Hermans aanbracht zijn te herleiden tot een brief die hij begin juni 1972 had ontvangen van Per Jordal.[11] Deze in Amsterdam woonachtige Noor schreef: ‘Als Noor heb ik op een aantal punten in “Nooit meer slapen” op- en aanmerkingen. Het gaat over fouten, die op een paar uitzonderingen na misschien niet zo ernstig zijn, maar die toch voor een ingewijde echt afbreuk doen aan de overigens zorgvuldig opgebouwde “couleur locale”.’ Een van de eerste zaken die Jordal aanroerde was Hermans’ gebruik van namen: ‘Arne is in het Noors uitsluitend een (veel voorkomende) voornaam. […] U introduceert het als een achternaam, en een Nederlander kan niet weten dat Alfred hem reeds door het gebruiken van zijn voornaam in een zeer bijzondere positie plaatst […] Hvalbiff is als Noorse naam volstrekt ondenkbaar, zelfs bij wijze van spreken voor een persoon in een satirische allegorie.’ Ook feitelijke onjuistheden (‘Het paleis in Oslo is geel, niet wit’) en de volgens Jordal onjuiste schrijfwijze van plaatsnamen (‘U schrijft overal Drontheim i.p.v. Trondhjem of desnoods Trondheim […] terwijl U overal elders keurig de Noorse plaatsnamen geeft. Zelfs bij een niet al te rechtgeaarde Noor gaan bij “Drontheim” alle antiduitse borstels overeind staan.’) en andere Noorse woorden kwamen in de brief uitgebreid aan bod.
Hermans reageerde direct: ‘Uw brief heb ik met veel aandacht en enigszins onthutst gelezen. Het is te betreuren dat u uw vaderlandse plicht tegenover de Noorse taal verzaakt hebt ter wille van Renate Rubinstein, het zou toch beter geweest zijn als u mij uw verbeteringen eerder had gestuurd. Het boek is nu geloof ik aan zijn 10e druk toe, maar beter laat dan nooit.’[12] Hermans ging kritisch met Jordals opmerkingen om, maar nam desondanks veel van zijn suggesties over: Het paleis in Oslo bijvoorbeeld, eerder ‘een wit paleis’ werd nu ‘een paleis met witte pilaren’, ‘Drontheim’ veranderde Hermans in ‘Trontheim’, ‘gravlachs’ in ‘gravlaks’, ‘Tusen takk’ werd respectievelijk ‘Takk, takk’ en ‘Mange takk’ en ‘direktor’ werd ‘direktør’. Ook het advies van Jordal met betrekking tot de achternamen nam Hermans ter harte.
In het correctie-exemplaar kreeg Arne een achternaam, die van Jordal. Op twee plaatsen wijzigde Hermans bovendien de naam Hvallbiff naar ‘(Onverstaanbaar)’, en in een gesprek tussen Alfred en Arne zegt de laatste niet langer ‘De directeur heet Hvalbiff.’ maar ‘De directeur heette Hvalbiff, zei je? Zo’n naam bestaat niet eens.’[13]

_dsc0024

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D10m6
Kopijexemplaar van de tiende druk voor de elfde druk van Nooit meer slapen
Omvang: [1-32, 49-256]
December 1972-februari 1973
Collectie Frans A. Janssen

Een uit de band genomen exemplaar van de tiende druk werd gebruikt als legger voor de elfde, opnieuw gezette druk van Nooit meer slapen. Op de Franse titelpagina staan dezelfde verwijzingen naar correcties als in het correctie-exemplaar D10m5. Die pagina bevat ook een stempel (waarschijnlijk van de uitgeverij) met de datum van ontvangst: ‘9 feb. 1973’ en een datering in handschrift ‘730227’. Het kopijexemplaar is incompleet: een katern ontbreekt en in het voorlaatste katern is een aantal pagina’s vervangen door fotokopieën zonder correcties. Het kopijexemplaar, waarin Hermans alle wijzigingen met rode balpen aanbracht, bevat ten opzichte van Hermans’ voorafgaande correctie-exemplaar geen nieuwe correcties, wel is er een beperkt aantal aanvullingen van de zetter. Boven het drukoverzicht noteerde hij met blauwe balpen ‘met de hand zetten’, en enkele door Hermans niet aangegeven veranderingen van ‘Drontheim’ naar ‘Trontheim’ werden aangevuld.
Hermans ontving dit exemplaar, een half jaar na zijn briefwisseling met Jordal, medio december 1972 van Dolf Hamming (De Bezige Bij), die hem vroeg om correcties voor de komende herdruk. Hermans reageerde aan het einde van de maand met een brief aan de toenmalige directeur van De Bezige Bij Geertjan Lubberhuizen. De correcties die Hermans naar aanleiding van de opmerkingen van Jordal in Nooit meer slapen had aangebracht bleven onbesproken, maar Hermans stelde iets anders aan de orde: ‘Onlangs ontving ik van De Bezige Bij een exemplaar van de tiende druk van nooit meer slapen ter correctie voor de elfde druk. Tot mijn niet geringe ergernis moest ik vaststellen dat er in deze druk fouten voorkomen die niet in de voorafgaande drukken worden aangetroffen, hoewel alles van hetzelfde zetsel is gemaakt […] Onderaan pagina 119 staat in de tiende druk 911’ en ‘Op pagina 116 staat, regel 16 van onderen in de tiende druk “ruscheen” terwijl er hoort te staan “scheuren” wat ook in de voorafgaande drukken staat.’[14]
Lubberhuizen antwoordde op 9 januari 1973: ‘Wij hebben ons in verbinding gesteld met de drukker om te vragen hoe het mogelijk is dat er weer nieuwe zetfouten zijn ingeslopen op de pagina’s 116 en 119. Zij schreven dat “Alvorens het zetsel voor herdruk door te geven is het proef getrokken en gekontroleerd. De proeven waren konform de vorige druk. Hoogstwaarschijnlijk is er iets gebeurd bij het insluiten of drukken.” […] Het komt wel eens voor dat de drukker hierbij een letter van lood laat vallen. Hij zet die er dan weer tussen en klemt daarna de hele zaak vast.’ Aanvullend bij zijn uitleg stelde Lubberhuizen dat het bestaande zetsel van de roman versleten was. Hij vroeg Hermans hem snel de gecorrigeerde druk toe te sturen.[15]
Dat deed Hermans ruim een week later. In de begeleidende brief aan Dolf Hamming, waarin hij opnieuw geen toelichting gaf bij het grote aantal correcties, schreef hij: ‘De directeur deed mij weten dat dit boek geheel opnieuw gezet zal worden: een goed ding, want het drukwerk zag er niet zo fraai meer uit. / Ik zal het wel op prijs stellen als de proeven ter uitgeverij zo veel en zo goed mogelijk voorgecorrigeerd worden, omdat ik zelf niet zo knap ben in het ontdekken van drukfouten.’[16] De Bezige Bij besteedde extra aandacht aan de proef, die Hermans eind april 1973 ontving. Ruim twee weken later stuurde Hermans de gecorrigeerde proef terug, maar hij bleef bezorgd over het uiteindelijke resultaat: ‘Hierbij de drukproef van “Nooit meer Slapen”. Ik hoop dat er nu geen enkele drukfout meer in zit, maar die hoop zal wel verijdeld worden. // Er zit nogal wat vuil op het zetsel, waar ik geen streepjes bij gezet heb omdat de beroepscorrectors die de proeven voor mij gezien hadden, dat ook niet hadden gedaan en het toch wel zullen hebben opgemerkt. / Beangstigend is dat de firma Hooiberg bijna alleen over beschadigde Q’s blijkt te beschikken en bijzondere oplettendheid lijkt mij geboden als ze deze beschadigde letters gaan vervangen, dat ze geen nieuwe fouten maken. / Ook de wereld van het drukwerk blijft vol verval. Laten we de moed niet verliezen.’[17] De elfde druk van Nooit meer slapen verscheen uiteindelijk in juli 1973.

_dsc0054

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D12m7
Correctie-exemplaar van de twaalfde druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
Juli 1978
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [9]

Een ongedateerd exemplaar van de twaalfde druk van Nooit meer slapen, met op de rug een getypt briefje ‘Voor vijftiende druk gecorrigeerd’, bevat een groot aantal correcties in handschrift en heeft daarnaast op meer dan twintig plaatsen ingeplakte doorslagen van kleine stukjes typoscript.[18] De wijzigingen komen op een enkele uitzondering na niet voor op de Franse titelpagina van het boek. Die bevat alleen de aantekeningen ‘p. 152 / inversie’ en ‘nawoord’. De eerste opmerking heeft betrekking op de zin ‘Maar zelfs al zou mijn zak vol scherpgeslepen potloden zitten, zou ik nog niet zo kunnen tekenen als hij.’ Hermans veranderde die in: ‘Maar zelfs met al mijn zakken vol scherpgeslepen potloden, zou ik nog niet zo kunnen tekenen als hij.’[19] Hermans’ tweede notitie verwijst naar een bij een nieuwe herdruk toe te voegen nawoord, waarvan zich een doorslag van een typoscript met handschriftelijke correcties achterin dit correctie-exemplaar bevindt.[20] De correcties in het boek bracht Hermans medio juli 1978 aan, zoals blijkt uit een brief aan de schrijfster Judy van Emmerik: ‘Dezer dagen heb ik in een bui van perfectionisme “Nooit meer Slapen”, een van mijn minder slordige boeken weer eens doorgelezen en ik heb zo’n 240 verbeteringen aangebracht die, hoop ik, nog eens in een volgende druk kunnen worden geperst.’[21]
Hermans’ wijzigingen in dit correctie-exemplaar, met verschillende kleuren balpeninkt, zijn ingrijpend en soms fors van omvang. Zo voegde hij in hoofdstuk 41, vlak voor Alfreds terugkeer in de bewoonde wereld, een lange overdenking van Alfred toe, en tegen het eind van het voorlaatste hoofdstuk een nieuwe alinea.[22] Op veel plaatsen in de roman paste Hermans nieuwe zinnen in, zoals bijvoorbeeld bij Alfreds eerste gesprek met professor Nummedal, over luchtfoto’s: het niet krijgen van de luchtfoto’s kreeg meer nadruk.[23] Ook in hoofdstuk 34 voegde Hermans nieuwe informatie toe, hier met betrekking tot het verkeerd aflezen van het kompas door Alfred: ‘Stommeling die ik ben. Ik moet me vergist hebben. Het kompas verkeerd afgelezen, toen ik zo parmantig tegen Arne zei, welke kant we uit moesten!’ en, iets verderop: ‘Mijn kompas is uitstekend en ik ben een uilskuiken.’[24] Een enkele keer, bijvoorbeeld aan het einde van hoofdstuk 5, verrijkt Hermans zijn roman met een nieuw beeld, om een moment waarop Alfred zich verloren voelt te versterken: ‘Ik verlies elke greep op mijn gedachten, en als vogels uit een door slordigheid open geraakte kooi, vliegen ze het landschap in.’[25]
In dit correctie-exemplaar gaat Hermans verder met het aanbrengen van wijzigingen in fragmenten waar Hvalbiff ter sprake komt, waarmee hij begonnen was in het correctie-exemplaar D10m5. Aan de daar al geherformuleerde zin ‘De directeur heette Hvalbiff, zei je? Zo’n naam bestaat niet eens.’ voegde hij nu toe: ‘Kan niet in het Noors.’ Waar Alfred het in hetzelfde gesprek met Arne over Oftedahl heeft, komt daar een zin bij: ‘Hij begreep wie ik bedoelde met Hvalbiff.’[26] Hoofdstuk 44, waar Alfred, terug van zijn tocht, zojuist Nummedal in Bergen heeft opgezocht, breidt Hermans bovendien uit met een lange passage. De suggestie dat Hvalbiff, de directeur van de Geologische Dienst in Trondheim, een en dezelfde persoon is als de door Nummedal gehate Oftedahl, die Alfred voorafgaand aan zijn tocht in Trondheim ontmoette, wordt hier door Alfred expliciet en uitgebreid onder woorden gebracht.[27]
Een voorbeeld van een kleinere inhoudelijke wijziging is het aanpassen van het taalgebruik van Mikkelsen. Om het slechte Engels van Alfreds expeditiegenoot te benadrukken bracht Hermans onder andere wijzigingen aan in de woordvolgorde en schrapte hij lidwoorden: ‘En toch, zegt Mikkelsen, toch kan niemand ontkennen dat een god er moet zijn die gemaakt heeft alles.’ Stilistische correcties zijn er in dit correctie-exemplaar van Nooit meer slapen ook: een ‘man’ wordt een ‘figuur’, ‘een tijd’ wordt ‘een poosje’, ‘efficiënt’ wordt ‘doelmatig’, ‘zegt’ wordt afgewisseld met ‘oppert’ en de Amerikaanse toeriste die Alfred in het eerste deel van de roman tegenkomt zegt niet langer ‘Tjonge, jonge’ maar ‘Boy, oh boy!’. Opvallend is dat er bijna geen redactionele wijzigingen zijn, al voegde Hermans een enkele keer wel een komma toe.
Hermans heeft in dit exemplaar alle correcties geïnventariseerd en genummerd. Herhaaldelijk staan in de marge cijfers genoteerd die betrekking hebben op het tellen van de wijzigingen.[28] Aan Frans Janssen kon hij in juli 1978 dan ook melden: ‘Een paar weken geleden heb ik 248 verbeteringen in Nooit meer Slapen aangebracht. Ik hoop nog eens te beleven dat ze in een herdruk kunnen komen. En zo krijg ik voortdurend spijt over allerlei oude publicaties.’[29]

_dsc0026

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D14m8
Correctie-exemplaar van de veertiende druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
Juli 1978
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [10]

Ook een ongedateerd correctie-exemplaar van de veertiende druk van Nooit meer slapen in het archief-Hermans heeft op de rug de vermelding: ‘voor vijftiende druk / gecorrigeerd’. De Franse titelpagina heeft opnieuw de aantekening ‘152 inversie’. In dit exemplaar staan nagenoeg dezelfde correcties en aantekeningen, opnieuw aangebracht met verschillende kleuren balpeninkt, als in het voorafgaande correctie-exemplaar van de twaalfde druk (D12m7). De streepjes waarmee Hermans daarin het aantal correcties telde ontbreken hier. Het correctie-exemplaar heeft identieke ingeplakte doorslagen met handschriftelijke aantekeningen en opnieuw de doorslag van het nawoord. Een enkele keer ontbreekt een wijziging die wel voorkwam in het voorafgaande correctie-exemplaar. Mogelijk schreef Hermans in korte tijd alle correcties uit dat exemplaar over en zag hij daarbij een enkele wijziging over het hoofd.

_dsc0028

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D14m9
Kopijexemplaar van de veertiende druk voor de zestiende druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
Juli 1978
Collectie Frans A. Janssen

In de collectie van Frans Janssen bevindt zich een tweede exemplaar van de veertiende druk van Nooit meer slapen met correcties voor de nieuwe herdruk.[30] Ruim een week nadat Hermans Frans Janssen had geïnformeerd over het grote aantal wijzigingen dat hij in de roman had aangebracht, stelde hij ook Uitgeverij De Bezige Bij daarvan op de hoogte: ‘Ik weet natuurlijk wel dat de veertiende druk nog niet is uitverkocht en dus het sturen van correcties voor de vijftiende wat voorbarig lijkt. / Maar er zijn deze keer nogal veel en tamelijk ingrijpende veranderingen en daarom vind ik het van belang dat een exemplaar met die wijzigingen bij u berust.’[31] De Bezige Bij bedankte Hermans begin augustus voor het correctie-exemplaar, deelde mee voor het najaar van 1978 nog voldoende exemplaren van Nooit meer slapen te hebben, maar ‘omdat de aard van de correcties nogal ingrijpend is, is het prettig om een en ander nu al te kunnen regelen. / Uw boek wordt nu weer overgezet, zodat de vermelding in de drukgeschiedenis in het kolofon nog even uw aandacht verdient. Ik stel voor: / Vijftiende, opnieuw gezette en uitgebreide druk, / maar ik hoor graag van u hoe het moet worden.’ Hermans ging met de voorgestelde vermelding akkoord.[32]
Deze gecorrigeerde versie van de roman heeft opnieuw de aanduiding ‘Voor vijftiende druk / gecorrigeerd’, waarbij Hermans met de toevoeging ‘BB’ aangaf dat het exemplaar bestemd was voor Uitgeverij De Bezige Bij. Het werd gebruikt als kopijexemplaar voor de zestiende druk van Nooit meer slapen, die uiteindelijk in juni 1979 zou verschijnen.[33] Het kopijexemplaar, waarvan de pagina’s vanwege de productie van de herdruk werden losgehaald, vermeldt op de Franse titelpagina de datum waarop de uitgeverij het boek had ontvangen: 3 augustus 1978. De correcties in het exemplaar, dat ook technische aanwijzingen bevat over onder andere de te hanteren spatiëring en corpsgrootte, komen nagenoeg overeen met de correcties die Hermans had aangebracht in de eerdere correctie-exemplaren D12m7 en D14m8, met inbegrip van de ook hier weer ingeplakte typoscriptcorrecties en het typoscript met weer identieke handschriftelijke correcties van Hermans’ nawoord. Opvallend is dat de in de voorafgaande correctie-exemplaren met ‘152 inversie’ aangegeven verandering in dit exemplaar ontbreekt.
Ook nadat het kopijexemplaar naar de uitgeverij was gestuurd, bleef de herziening van Nooit meer slapen Hermans bezighouden, zoals nog eens blijkt uit een brief die hij eind september 1978 aan Frans Janssen stuurde: ‘In de nieuwe druk van Nooit meer slapen komen 250 veranderingen, maar die komen bijna nooit voort uit vroegere drukfouten; ’t zijn gewoon nieuwe ideeën.’[34] Janssen, die tijdelijk had kunnen beschikken over een van Hermans’ correctie-exemplaren, ging een paar weken later in op Hermans’ herzieningen: ‘Ik heb je al het correctieexemplaar van nms teruggestuurd. Je moet veel tijd besteed hebben aan deze herziening, die – als ik het goed zie – vooral wil verduidelijken. Zo scherp je hier en daar bepaalde dingen, die de lezer ontgaan zouden kunnen zijn, wat aan, bv. de kwestie Hvalbiff-Oftedahl […], het verkeerd aflezen van het kompas […].’[35] Op dat moment had Hermans juist de drukproef (P2) van de herziene versie van Nooit meer slapen ontvangen, waarin hij weer nieuwe correcties zou aanbrengen.[36]

_dsc0056b

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


P2
Drukproef voor de zestiende druk van Nooit meer slapen
Omvang: [1-107]
Oktober-november 1978
Collectie Frans A. Janssen

Een complete, met de hand genummerde strokenproef in de collectie van Frans Janssen, met een stempel gedateerd ‘proef 7 sep. 1978’, bevat correcties van zowel Hermans (in verschillende kleuren inkt) als een redacteur van de uitgeverij (met blauwe balpen) en daarnaast nog enkele aantekeningen van de zetter. Hermans ontving de bij de uitgeverij voorgecorrigeerde proef medio oktober en corrigeerde de proef direct, waarna hij aan Frans Janssen schreef: ‘Een paar dagen geleden kreeg ik de drukproef van de nieuwe versie Nooit meer Slapen. Er zijn nog wel een 50 extra-correcties bijgekomen. Kleinigheden, maar [toch begrijp ik] niet dat ik die zo lang over het hoofd heb gezien’.[37] Bij veel van die correcties herformuleerde Hermans fragmenten die in het voorafgaande kopijexemplaar (D14m9) aan de roman waren toegevoegd, of op dat moment waren herzien. Een eerste voorbeeld daarvan is de tweede zin van Nooit meer slapen: ‘Op zijn eikehouten bureautje staat alleen een telefoon en hij zit voor zich uit te staren door een goedkope zonnebril.’ Hermans paste dit aan tot: ‘Op het eikehouten bureautje waaraan hij zit, staat alleen een telefoon en door een goedkope zonnebril, staart hij roerloos voor zich uit.’ Van een op het kopijexemplaar toegevoegde lange passage veranderde Hermans het einde van de eerste zin (‘Door mijn voetstappen te tellen, doordat ik op voorbeeld van Buys Ballot mijn voetstappen geteld heb sinds mijn jongensjaren, is het me toch gelukt Arne terug te vinden.’): ‘Arne terug te vinden’ werd ‘zonder kompas weer thuis te komen’.[38]
Bij de controle van de proef had Hermans hoogstwaarschijnlijk het aan het kopijexemplaar voorafgaande correctie-exemplaar D14m8 bij de hand.[39] Daardoor kon hij de eerder als ‘152 inversie’ gemarkeerde verwijzing, die hij waarschijnlijk per ongeluk niet in het kopijexemplaar had overgenomen, alsnog op de proef toevoegen. Nieuwe wijzigingen zijn er op de proef ook, bijvoorbeeld in hoofdstuk 31, waar Hermans het zinnetje ‘Mijn moeder zal mij niet begrijpen.’ uitbreidde tot ‘Mijn moeder zal mij niet begrijpen, als ik terugkom met de boodschap dat ik het bijltje erbij neergelegd heb, omdat ik heb begrepen, dat het onzin is wat ik doe.’[40] Niet altijd waren de handschriftelijke correcties en toevoegingen even duidelijk leesbaar, reden waarom Hermans op de proef weer herhaaldelijk doorslagen van stukjes typoscript inplakte. Dat deed hij bijvoorbeeld enkele keren op plaatsen waar hij het gebrekkige Engels van Mikkelsen verder benadrukte, zoals bij het fragment: ‘- Maar tegen die tijd, zegt Mikkelsen, worden dat kwestie van toeval. Net zoals nu sommige mensen beroemd worden om dingen die niets bijzonders zijn. Net zoals nu: 100 000 meisjes van wie niemand ooit gehoord hebben, hebben goed figuur en maar eentje worden Miss Universe en komen in de krant.’[41]
Tot de op de proef gecorrigeerde ‘kleinigheden’ behoren ook een aantal stilistische varianten en aanpassingen op woordniveau: ‘Wie weet denkt een Lap: ik word hoogstens een namaak-Noor.’ moest bijvoorbeeld worden: ‘Een Lap is waarschijnlijk bang dat hij een namaak-Noor wordt.’, ‘Veel kinderen’ werd ‘Een boel kinderen’, ‘wonder’ werd ‘mirakel’ en Alfred Issendorfs beroemdste voorvader was niet langer Luthers predikant in Krommenie, maar in Purmerend. De voorgecorrigeerde redactionele wijzigingen liet Hermans ongemoeid. Daarbij ging het, naast de correctie van zetfouten en verkeerde afbrekingen, om zaken als hoofdlettergebruik (‘engels’ werd ‘Engels’, ‘geologische dienst’ werd ‘Geologische Dienst’), correcties bij het gebruik van de tussen-n (‘muggenetje’ werd ‘muggennetje’), vervollediging van afkortingen en cursiveringen van tijdschrifttitels. Vergelijkbare correcties zijn er niet van Hermans zelf. Wel voegde hij veel komma’s toe op de proef. De directe aanleiding daarvoor was een ingezonden brief van J.B. Braaksma in NRC Handelsblad van 13 oktober 1978, die Hermans naar aanleiding van diens kort daarvoor gepubliceerde artikel ‘Bijzonder aardig; prima, prima’ (over Cees Buddingh’) wees op het slordige taalgebruik van Hermans zelf.[42] Het kommagebruik stelde Hermans ook aan de orde bij Frans Janssen: ‘[H]et [is] me opgevallen dat ik bijna geen comma’s gebruik, ik ga daarbij namelijk af op het gehoor. Maar is het niet zó, dat iedere bijzin tussen comma’s dient te staan? Is dat eigenlijk een dwingend voorschrift? […] Toch bang geworden van zulke mensen als die meneer Braaksma, heb ik er zeker enkele tientallen geplaatst. […] Jij hebt natuurlijk zijn ingezonden brief in de nrc gelezen?’[43]

_dsc0064

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


P3
Drukproef (revisie) voor de zestiende druk van Nooit meer slapen
Omvang: [1-128]
November-december 1978
Archief De Bezige Bij

In het archief van De Bezige Bij bevindt zich in een grijze map met het opschrift: ‘W.F. Hermans / Nooit meer slapen / correctieproef auteur / 15e druk 1979’ een revisieproef voor de zestiende druk van Nooit meer slapen. Op het eerste vel van de met de hand genummerde proef staan in verschillende handschriften aantekeningen en data: ‘Revisie 14 dec. 1978’, ‘correcties W.F. Hermans (ontvangen 2/1/79)’, ‘12 000 exx genaaid. leveren 7/5/79’, ‘gaarne ozalid’ en de vermelding: ‘attentie: 139 [,] 51’. Ook in de proef zelf komen een paar aantekeningen van de zetter voor. [44]
Ook op deze revisieproef bracht Hermans weer nieuwe inhoudelijke herzieningen en toevoegingen in Nooit meer slapen aan. Het meest in het oog springende voorbeeld, door Hermans in typoscript op oranje papier in de marge van de pagina ingeplakt, is een nieuwe aanvulling van liefst twee vrij omvangrijke alinea’s kort voor het einde van hoofdstuk 9, waar Alfred bij Oftedahl tevergeefs vraagt naar andere mogelijkheden om aan luchtfoto’s te komen.[45] Elders op de proef bracht Hermans nog een stukje typoscript ter verduidelijking aan bij een passage met een aantal kleinere correcties.
Een derde en laatste wijziging in typoscript betrof de correctie van het aantal inwoners van Nederland ten opzichte van Noorwegen: niet viermaal, maar ‘drieënhalf maal zoveel’. De revisieproef, met voor het overige maar weinig correcties, heeft enkele wijzigingen die zijn te relateren aan de voorafgaande drukproef (P2): een daar in hoofdstuk 1 in de marge met een streep gemarkeerde zin, in een exposé van Nummedal over geologie (‘Hij last weer een stilte in en het lijkt haast of het hem genoegen doet, dat anderen ergens niets gevonden hebben.’), die Hermans had genoteerd in de correctie-exemplaren en het kopijexemplaar, haalde de revisieproef niet en verscheen daardoor nooit in druk. Enkele andere wijzigingen van Hermans op de eerste drukproef waren verkeerd verwerkt, waardoor Hermans ze alsnog moest corrigeren: ‘Purmerent’ bijvoorbeeld herstelde Hermans naar ‘Purmerend’. In het op de eerste drukproef alsnog ingevoegde ‘inversie’-zinnetje bracht Hermans nog een allerlaatste wijziging aan: ‘scherpgeslepen’ werd ‘scherp geslepen’.[46]

_dsc0065

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D16m10
Correctie-exemplaar van de zeventiende druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
1981/1982
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [12]

Van de ongewijzigd verschenen zeventiende druk van Nooit meer slapen bevindt zich een exemplaar in het archief Hermans.[47] Hermans dateerde het op de versozijde van het omslag met ‘6 feb 1981’. Het correctie-exemplaar bevat één correctie, in hoofdstuk 8: Hermans markeerde daar een vergeten inspringing bij het laatste fragment van het krantenartikel ‘De nederlandse expeditie steunt op sherpa-beroemdheden’.
Andere correcties voor de achttiende druk van Nooit meer slapen, die in februari 1983 zou verschijnen, bracht Hermans niet aan, al heeft hij dat misschien nog wel overwogen. Maar in een brief aan Frans Janssen, die hem in november 1982 nog weer attendeerde op enkele stijlfouten in de roman, antwoordde Hermans: ‘Jullie hebben gelijk wat de stijlfouten in Nooit meer Slapen betreft, maar ik zal er, als er nog een volgende druk van komt, toch maar niets aan doen. Iedereen heeft er zestien jaar overheen gelezen. De meeste mensen dènken klaarblijkelijk ook in syntactische fouten.’[48]

_dsc0032

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D17m11
Correctie-exemplaar van de achttiende druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
1983/1984
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [13]

Ook van de achttiende druk van Nooit meer slapen is een correctie-exemplaar aanwezig in het archief-Hermans. Hermans dateerde de ontvangst op de versozijde van het omslag met ‘Parijs, 3 feb. 1983’ en noteerde op de Franse titelpagina de paginanummers van een paar kleine wijzigingen. De titelpagina van dit correctie-exemplaar heeft een reliëfstempel met de naam van de auteur. Bij de wijzigingen in dit exemplaar (het boek heeft nog een extra correctie die Hermans niet op de Franse titelpagina noemde) gaat het steeds om de verandering van het in Nooit meer slapen enkele malen aangehaalde zinnetje ‘Mr. Livingstone, I presume’, dat Hermans consequent corrigeerde naar ‘Dr. Livingstone, I presume’. Andere herzieningen zijn er in dit correctie-exemplaar niet.

_dsc0034

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D18m12
Correctie-exemplaar van de negentiende druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
1984-1986
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [14]

Een correctie-exemplaar van de negentiende druk van Nooit meer slapen, met een datumstempel ‘Reçu le – 2 nov. 1984’, heeft opnieuw enkele minieme correcties. Op de Franse titelpagina verwees Hermans naar één correctie in het boek: de zetfout ‘jong eentje’, in 1978 ontstaan bij het opnieuw zetten van de roman voor de zestiende druk, corrigeerde hij naar ‘jong eendje’. Daarnaast verplaatste Hermans, in de tweede zin van de roman, een komma.[49] Wanneer Hermans de correcties aanbracht is niet duidelijk. De eerstvolgende, eenentwintigste druk van Nooit meer slapen verscheen in augustus 1986.[50]

_dsc0035

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D19m13
Correctie-exemplaar van de eenentwintigste druk van Nooit meer slapen

Omvang: 256 pagina’s
1988
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [15]

Hermans bewaarde ook een exemplaar van de eenentwintigste druk van Nooit meer slapen in zijn archief. De Franse titelpagina heeft naast een stempel ‘archief’ een stempel met de datum waarop Hermans het boek van de uitgeverij ontving ‘Reçu le 18 aout 1986’. Voorin het boek is één paginanummer met verwijzingen naar correcties aangegeven: in hoofdstuk 10 liet Hermans in het zinnetje ‘Does Alfred go to the races today?’ het laatste woord weg, en ook in de bijbehorende vertaling van de zin op dezelfde pagina schrapte hij ‘vandaag’. De verandering kwam voort uit een opmerking van Lesley Gilbert in het tijdschrift Dutch Crossing, waar Hermans eind januari 1988 door Rob Delvigne op was geattendeerd.[51] Gilbert had geschreven: ‘As any native English speaker will immediately see, this is not a correct English sentence, because the verb “to do” is used as an auxiliary in question-forming only where no specific time is indicated -not “Does Alfred go to the races” but “Is Alfred going to the races today”.’[52] Hermans antwoordde Delvigne enkele weken later: ‘Het heeft mijn verbazing gewekt dat toen pas, in 1985 is opgemerkt dat de zin “Does Alfred go to the races today” niet deugt, en dat geen enkele Nederlander het heeft opgemerkt in 20 jaar, terwijl ze toch allemaal zo ongelooflijk knap zijn in het Engels, Engeland hun tweede vaderland is, of mogelijk zelfs wel hun eerste, enzovoort.’[53]
Begin maart, nadat Delvigne Hermans een kopie van Gilberts artikel had gestuurd, hield de fout Hermans nog steeds bezig: ‘Heel veel dank voor de fotocopie / Misschien schrap ik in een volgende druk “today” / Maar, omdat het er nu toch al 22 jaar fout in staat… / Op ’t laatst geef je de moed op.’[54] Uiteindelijk nam hij de wijziging toch op: in januari 1989 verscheen de tweeëntwintigste druk van Nooit meer slapen, waarin de correctie was verwerkt.

_dsc0037

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D20m14
Correctie-exemplaar van de tweeëntwintigste druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
1989-1991
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [16]

Ook een correctie-exemplaar van de tweeëntwintigste druk van Nooit meer slapen heeft een archief- en datumstempel: ‘Reçu le – 2 jan. 1989’. Deze keer inventariseerde Hermans op de Franse titelpagina vier paginanummers met correcties. Eenmaal ging het om een ten onrechte geplaatst dialoogstreepje, de andere wijzigingen hadden alle betrekking op de verandering van het woordgeslacht bij ‘fjord’ van ‘het’ naar ‘de’. Niet alle correcties die Hermans in dit correctie-exemplaar had genoteerd werden in de drieëntwintigste druk van Nooit meer slapen (juni 1991) doorgevoerd. Het onjuiste dialoogstreepje bleef daar nog staan.[55]

_dsc0038

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D21m15
Correctie-exemplaar van de drieëntwintigste druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
1991
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [17]

Een eerste correctie-exemplaar van de drieëntwintigste druk van Nooit meer slapen in het archief-Hermans heeft een archiefstempel en een datumstempel ‘recu le 11 juin 1991’. Hermans noteerde de drukaanduiding van het boek ook op de rug van het correctie-exemplaar. Op de Franse titelpagina staan verwijzingen naar twee pagina’s met correcties. Dit keer ging het om nog twee extra veranderingen van ‘het fjord’ naar ‘de fjord’ die Hermans eerder over het hoofd had gezien. Het boek bevat geen verdere correcties.
Voorin het exemplaar bevindt zich een typoscript (doorslag) met de tekst: ‘I do not know what I may appear to the world, but to myself I seem to have been only like a boy playing on the sea-shore, and diverting myself in now and then finding a smoother pebble or a prettier shell than ordinary, whilst the great ocean of truth lay all undiscovered before me. (Sir Isaac Newton)’. De tekst zou als motto worden opgenomen in de als jubileumeditie ter gelegenheid van vijfentwintig jaar Nooit meer slapen gepubliceerde vierentwintigste druk van de roman, die in augustus 1991 verscheen.[56] De door Hermans in dit correctie-exemplaar aangegeven correcties werden daarin niet verwerkt.

_dsc0042

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D21m16
Correctie-exemplaar van de drieëntwintigste druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
Juni 1991
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [18]

Op de rug en het omslag van een tweede, ongedateerd correctie-exemplaar van de drieëntwintigste druk van Nooit meer slapen schreef Hermans ‘1991 Correctie-ex. voor 22e druk, met ook corr. van Gerry Bruil’.[57] Bruil was gedurende een reeks van jaren Hermans’ vaste redacteur bij De Bezige Bij. Zij schreef een potloodaantekening op de Franse titelpagina van dit correctie-exemplaar: ‘In dit exemplaar heb ik mijn / veranderingen aangebracht. Als je / het er niet mee eens bent, / verander het dan terug in de / drukproef. / Verder heb ik nog enkele vragen / en suggesties erbij geschreven. / Graag je reactie daarop.’ Daaronder noteerde Hermans met rode pen: ‘In rood of rood aangestreept correcties van wfh’.
De correctievoorstellen van Bruil waren in veruit de meeste gevallen redactioneel van aard en hadden onder andere betrekking op het scheiden of juist aaneenschrijven van voorzetsels en bijwoorden bij samengestelde werkwoorden, het vervolledigen van afkortingen en het voluit schrijven van cijfers: ‘erafhalen’ werd bijvoorbeeld ‘eraf halen’, ‘150’ werd ‘honderdvijftig’ en ‘d.w.z.’ werd ‘dat wil zeggen’. Hermans’ consequent gehanteerde schrijfwijze ‘tenslotte’ verbeterde Bruil consequent naar ‘ten slotte’, en ook bij voornaamwoordelijke bijwoorden werd Hermans’ schrijfwijze gecorrigeerd: ‘er op’ werd ‘erop’, ‘hier vandaan’ werd ‘hiervandaan’ en ‘er onder langs’ werd ‘eronderlangs’. Met al deze wijzigingen ging Hermans akkoord, net als met Bruils correcties in de schrijfwijze van plaatsnamen: ‘Ramnastua’ werd ‘Ravnastua’ en ‘Trontheim’ – eerder nog ‘Drontheim’[58] – werd nu ‘Trondheim’. Bruil vond ook nog meer plaatsen in de tekst waar ‘het fjord’ moest worden veranderd naar ‘de fjord’.
Een enkele maal ging Hermans niet akkoord met een voorgestelde correctie: zo maakte hij de wijziging van ‘het microscoop’ naar ‘de microscoop’ ongedaan, en moest de schrijfwijze ‘medaljes’ gehandhaafd blijven.[59] Bruils aantekening ‘Beukenootjes zijn heerlijk zowel puur als geroosterd!’ bij de zin ‘Beukenootjes zijn oneetbaar, eikels ook’, streepte Hermans met potlood door.[60] Het correctievoorstel van Bruil, in hoofdstuk 45 van Nooit meer slapen, met betrekking tot de schrijfwijze van ‘Trollhaugen’ dat ‘Troldhaugen’ moest zijn, leidde tot een inhoudelijke herziening van Hermans. Hij ging akkoord met de aanpassing naar ‘Troldhaugen’, maar de schrijfwijze ‘Trollhaugen’ moest op een in de roman als bordje weergegeven tekst behouden blijven. Om duidelijk te maken dat die schrijfwijze daar geen fout was breidde Hermans iets verderop in hetzelfde hoofdstuk het zinnetje ‘Zij stopt aan de ingang van Troldhaugen’ uit tot ‘Zij stopt aan de ingang van Troldhaugen, op het naambord met ll gespeld’.
Het is onduidelijk in hoeverre het de bedoeling was deze correcties te verwerken in de in augustus 1991 verschenen jubileumeditie van Nooit meer slapen. Mogelijk ontving Hermans het voorgecorrigeerde exemplaar pas nadat de jubileumeditie was verschenen,[61] hoewel een brief aan Rob Delvigne uit juni 1991 doet vermoeden dat Hermans op dat moment al over het voorgecorrigeerde exemplaar beschikte: ‘Het boek is nu voor de zoveelste maal herdrukt en nog staat hier en daar “het” fjord, wat “de” fjord moet zijn en Trontheim i.p.v. Trondheim. / Schrijven blijft ellende.’[62]

_dsc0044

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D22m17
Correctie-exemplaar van de vierentwintigste druk van Nooit meer slapen
Omvang: 256 pagina’s
1991-1992
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [19]

Het archief-Hermans bevat een met een ontvangststempel ‘recu le 29 aout 1991’ gedateerd correctie-exemplaar van de jubileumeditie van Nooit meer slapen. De Franse titelpagina verwijst naar tweeëndertig pagina’s met correcties, in het boek zijn ook op andere pagina’s correcties aangebracht.
In de meeste gevallen gaat het om de door Gerry Bruil voorgestelde correcties in het voorafgaande correctie-exemplaar van de drieëntwintigste druk (D21m16), die Hermans overnam in dit recentere correctie-exemplaar, dat ook enkele stilistische herzieningen op woordniveau heeft. Op de pagina met het bordje ‘trollhaugen’ noteerde hij in de marge ‘niet veranderen’. Ook de schrijfwijze ‘Jane Mansfeld’, in hoofdstuk 9 van Nooit meer slapen, moest gehandhaafd blijven en ook dat gaf Hermans met een duidelijk ‘sic!’ aan.
De eerste pagina van de roman bevat een kleine inhoudelijke correctie. Daar veranderde Hermans de zin ‘Onwillekeurig kijk ik op mijn polshorloge dat ik gisteren bij aankomst in Oslo een uur achteruit gezet heb op Noorse zomertijd. Half elf.’ naar ‘Onwillekeurig kijk ik op mijn polshorloge dat ik gisteren bij aankomst in Oslo gelijk gezet heb op Noorse zomertijd. Half elf.’ De wijziging, die Hermans bovendien liet volgen door een nieuw ingelaste witregel, voert terug op een brief van Ton Anbeek aan Hermans, die hem op deze fout attendeerde en in zijn brief ook de kwestie Trollhaugen/Troldhaugen aan de orde had gesteld. Hermans ging uitgebreid op beide zaken in: ‘Nooit meer slapen moet wel een buitengewoon helder geschreven boek zijn, dat alleen zulke minuscule vraagstukjes als de spelling van Trollhaugen en de Noorse zomertijd u slapeloze nachten bezorgen. / Hartelijke dank voor het impliciete compliment. // Maar laat me u bekennen dat het boek vol fouten staat, die u gelukkig niet heeft gezien. Mijn latere boeken zijn veel beter. […] Wat trollhaugen betreft, ik heb een foto van het bordje dat aan de rand van de tuin de weg er naartoe wijst en op dit bordje staat de naam met een dubbele l. / Maar het kan natuurlijk best zijn dat de schilder van het bordje zich vergist heeft, of dat het op twee manieren mag. // Wat de Noorse zomertijd (in 1961) betreft, ik weet werkelijk niet meer hoe dat zat. / Ik heb er nog nooit een aanmerking op gekregen. Nu zegt dit wel niet zo heel veel: pas zeer recentelijk heeft iemand erop gewezen dat fjord een de-woord is, dus niet het fjord, zoals in Nooit meer Slapen.’[63]

_dsc0045

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D22m18
Correctie-exemplaar van de vierentwintigste druk van Nooit meer slapen Omvang: 256 pagina’s
1991-1992
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [20]

In een tweede correctie-exemplaar van de jubileumeditie uit 1991 bracht Hermans nog eens alle correcties uit de voorafgaande exemplaren samen. Op de voorzijde van het stofomslag schreef Hermans met diverse kleuren viltstift en in grote letters de woorden ‘correctie’ en ‘correctie-exemplaar’. Op de voorzijde en rug van de band van het boek plakte hij vergelijkbare stickers, met twee expliciete voorbeelden van correcties: ‘Trontheim /d’ en ‘Ramnastua /v’. Op de Franse titelpagina gaf Hermans een overzicht van opnieuw tweeëndertig pagina’s met correcties, voorafgegaan door een met roze stift aangebracht tekst ‘verbeteringen / op de bladzijden:’.
De correcties in dit correctie-exemplaar komen overeen met de in het voorafgaande correctie-exemplaar (D22m17) aangebrachte correcties. Of dit exemplaar ook als kopijexemplaar voor de vijfentwintigste druk van Nooit meer slapen zou worden gebruikt, is bij gebrek aan gegevens in het archief niet duidelijk. Wel drukte Hermans De Bezige Bij in oktober 1992 nog eens op het hart zorg te dragen voor een goede afhandeling van alle correcties: ‘Houd je nooit meer slapen in de gaten? Die stommiteiten zoals Trontheim, wat Trondheim behoort te wezen, moeten er nu toch echt uit.’[64]
Kort voor het verschijnen van de vijfentwintigste druk van de roman in februari 1993, waarin alle wijzigingen werden verwerkt, kwamen de correcties nog eens uitgebreid ter sprake in een brief van Hermans aan Frans Janssen: ‘In de allernieuwste druk van Nooit meer Slapen [heet] Ramn[as]tua Ravnastua, zoals het hoort. Er zal nu staan ‘‘overheen slaat’’ in plaats van overheenslaat en ‘‘binnen geweest’’ in plaats van binnengeweest. Enzovoort. Mis­schien wel honderde[n] kleine verbeteringen, nu weer. / Ik begrijp niet dat zulke fouten er na eenentwintig drukken nog in stonden. Waar is het, dat het al dan niet aan elkaar schrijven van woorden me niet grammaticaal goed afgaat, maar dit komt ook, doordat ou­dere schrijvers, er meestal ook maar wat van maakten. Neemt niet weg dat vroegere correctoren van De Bezige Bij een en ander wel hadden mogen zien. Of zijn de regels inmiddels weer veranderd? Het is om dol te worden; de bezitters van oudere drukken zijn lelijk gedupeerd! Ze moeten, vind ik, even flink zijn, hun oude drukken in het vuur gooien – en de nieuwe kopen.’[65]

_dsc0048

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


[1] Oscar Timmers was destijds redacteur bij Uitgeverij De Bezige Bij.
[2] Wel zijn in de marges van de proef op veel plaatsen strepen en rechte haken aangebracht, maar de functie daarvan is onduidelijk. Correctietekens of aanwijzingen met betrekking tot het zetten ontbreken. De tekstplaatsen markeren ook geen plaatsen waar de revisieproef en eerste druk van de roman van elkaar verschillen.
[3] Er blijven meer onduidelijkheden met betrekking tot de productie van de eerste druk van Nooit meer slapen. Zo heeft een deel van de gebonden uitgave van de eerste druk op de laatste pagina van hoofdstuk 40 de zetfout ‘haudt’ in plaats van ‘houdt’. Er zijn geen exemplaren bekend van de gebrocheerde uitgave zonder de zetfout.
[4] Correctie-exemplaren van de tweede en de derde druk zijn niet overgeleverd. Voor de derde druk van Nooit meer slapen gaf Hermans wel correcties door, zoals blijkt uit correspondentie met De Bezige Bij: ‘Hierbij het gecorrigeerde exemplaar van Nooit meer Slapen. De ingelaste passage op p. 246 moet, denk ik, na gezet te zijn nog wel een keer gecorrigeerd worden. / Ik ben u erg dankbaar voor de verbetering: Theobald Böhm. Ik heb zelf een grote mond als ik zulke dingen bij andere schrijvers tegenkom en wil er dus mij zelf niet aan schuldig maken.’ Hermans aan De Bezige Bij (Oscar Timmers), 25 augustus 1967, doorslag in archief-Hermans. De toegevoegde passage, ter vervanging van de zin ‘De fles is leeg als het vliegtuig op Schiphol landt.’ is ‘Ik heb de fles whisky onmiddellijk opengemaakt en al een paar flinke slokken genomen. […] De lege fles laat ik in het vliegtuig achter.’ (in de editie op p. 705-706); in de eerste twee drukken van Nooit meer slapen stond dat Carl Böhm de uitvinder was van de ‘Böhm-fluit’. De derde druk van Nooit meer slapen bevat daarnaast nog enkele kleinere varianten (gegevens ontleend aan elektronische tekstvergelijking).
[5] Zie Willem Frederik Hermans, Volledige Werken, deel 3. Amsterdam 2010, citaten achtereenvolgens op p. 548, 519 en 652.
[6] De Bezige Bij aan Hermans, 30 september 1969, archief-Hermans. Eerder had Hermans voor de vijfde druk geen correcties doorgegeven: ‘de zetter kan […] rustig verder blijven slapen’ (Hermans aan De Bezige Bij, 3 december 1968, doorslag in archief-Hermans).
[7] Frans Janssen en Sonja van Stek gaan uit van een oplage van circa 5000 exemplaren. Zie: Frans A. Janssen, Sonja van Stek (red.), Het bibliografische universum van Willem Frederik Hermans. Bibliografie van de afzonderlijk verschenen werken. Amsterdam 2000 (ook op: www.willemfrederikhermans.nl), JS-nummer 233.
[8] Het verdwijnen van het afbreekstreepje in de derde druk (zie D3m1) had eenzelfde oorzaak.
[9] De Bezige Bij (Dolf Hamming) aan Hermans, 12 mei 1970, archief-Hermans. Op deze brief tekende Hermans aan: ‘geretourneerd 18 mei 70’.
[10] Ook deze zetfouten waren ontstaan bij de productie van de zesde druk van Nooit meer slapen. Zie hierboven de beschrijving van correctie-exemplaar D6m3.
[11] De briefwisseling met Per Jordal (in totaal vier brieven) bewaarde Hermans in een ongecorrigeerd exemplaar van de elfde druk van Nooit meer slapen (WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [7]).
[12] Per Jordal aan Hermans, 2 juni 1972, en Hermans aan Jordal, 5 juni 1972, origineel resp. doorslag in archief-Hermans. Jordal gaf in zijn brief aan moeite te hebben met Hermans’ ruzie met Renate Rubinstein in de Weinreb-affaire, daarom had hij Hermans niet eerder geschreven. De tiende druk van Nooit meer slapen verscheen in juni 1972.
[13] Deze laatste citaten in de editie op repectievelijk p. 487 en 601.
[14] Dolf Hamming (De Bezige Bij) aan Hermans, 11 december 1972, en Hermans aan Geertjan Lubberhuizen (De Bezige Bij), 30 december 1972, origineel resp. doorslag in archief-Hermans.
[15] Geertjan Lubberhuizen (De Bezige Bij) aan Hermans, 9 januari 1973, archief-Hermans.
[16] Hermans aan Dolf Hamming (De Bezige Bij), 20 januari 1973, doorslag in archief-Hermans.
[17] Hermans aan Dolf Hamming (De Bezige Bij), 12 mei 1973, doorslag in archief-Hermans.
[18] De dertiende en veertiende druk van Nooit meer slapen waren zonder wijzigingen verschenen, achtereenvolgens in mei 1976 en november 1977.
[19] Blijkens een brief van Hermans aan Frans Janssen uit oktober 1978 was Janssen met dit correctievoorstel gekomen (Hermans aan Frans Janssen, 21 oktober 1978, doorslag in archief-Hermans). Zie voor het citaat p. 589 in de editie.
[20] Zie voor het toegevoegde nawoord de editie, p. 712-713.
[21] Hermans aan Judy van Emmerik, 17 juli 1978, doorslag in archief-Hermans. Judy van Emmerik interviewde Hermans eind 1977 voor Hollands Maandblad. (Judy van Emmerik, ‘Prachtig, prachtig, dat Oedipusverhaal’, in: Hollands Maandblad 19 (1978), nr. 1. (febr.), p. 24-27. Herdrukt in Frans A. Janssen (red.), Scheppend nihilisme. Interviews met Willem Frederik Hermans. Amsterdam 1983, p. 296-314.
[22] Het lange fragment is de passage ‘Of ik nog niet moe genoeg ben, […] voor ik er helemaal overheen ben?’, op p. 675 van de editie. De toegevoegde alinea (‘Door mijn voetstappen te tellen, […] mag haar niet teleurstellen.’) staat in de editie op p. 706.
[23] Toegevoegd werden de zinnen: ‘Geen tactvolle benadering wil mij te binnen schieten.’, ‘Is hij soms vergeten wat hij Sibbelee beloofd heeft? Dat hij me luchtfoto’s geven zou van het terrein dat ik onderzoeken wil?’ en ‘- Ja professor, de luchtfoto’s…’. Alle citaten staan in de editie op p. 416.
[24] Respectievelijk op p. 632 en 633 van de editie.
[25] Citaat in de editie op p. 435.
[26] Beide citaten op p. 601 van de editie.
[27] De toegevoegde passage, die loopt tot het einde van hoofdstuk 44, begint met de zin ‘Hvalbiff, zei Nummedal. Geen vergissing mogelijk.’, in de editie op p. 694.
[28] Hermans schreef alle herzieningen over op een twintigtal vellen ruitjespapier van A5-formaat, waarvan er veertien bewaard worden bij het kopijexemplaar D14m9 in de collectie van Frans Janssen. De andere pagina’s zijn niet overgeleverd. Hermans beschreef alleen de voorzijde van de velletjes, meestal met potlood, af en toe met zwarte en blauwe inkt. De wijzigingen worden voorafgegaan door twee kolommen: de linker kolom verwijst naar de pagina in het correctie-exemplaar D12m7 met de wijziging, in de rechterkolom nummerde Hermans de wijzigingen cumulatief. De op het ruitjespapier geïnventariseerde wijzigingen komen meestal overeen met de tekst van het correctie-exemplaar, af en toe zijn er kleine varianten. Bij het overschrijven van de correcties uit D12m7 naar het latere correctie- en kopijexemplaar D14m8 en D14m9 ging Hermans uit van de tekst van D12m7.
[29] Hermans aan Frans Janssen, 23 juli 1978, doorslag in archief-Hermans.
[30] Frans Janssen ontving het correctie-exemplaar D14m9 en de drukproef P2, blijkens een aantekening van Janssen op het correctie-exemplaar, op 8 april 1979, tegelijk met een correctie-exemplaar en drukproeven van De donkere kamer van Damokles. Zie daarvoor ook de Tekstgeschiedenis van De donkere kamer van Damokles, noot 60.
[31] Hermans aan De Bezige Bij, 31 juli 1978, doorslag in archief-Hermans.
[32] De Bezige Bij aan Hermans, 2 augustus 1978, en Hermans aan De Bezige Bij, 14 augustus 1978, origineel resp. doorslag in archief-Hermans.
[33] Voorafgaand aan deze druk verscheen in 1978 een Zuid-Afrikaanse uitgave van Nooit meer slapen, bibliografisch de vijftiende druk van de roman. Zie Janssen, Van Stek (red.), Het bibliografische universum van Willem Frederik Hermans (ook op: www.willemfrederikhermans.nl), JS-nummer 243.
[34] Hermans aan Frans Janssen, 26 september 1978, doorslag in archief-Hermans.
[35] Frans Janssen aan Hermans, 18 oktober 1978, archief-Hermans.
[36] Behalve de hierboven beschreven correctie-exemplaren D12m7 en D14m8 en het kopijexemplaar voor de zestiende druk D14m9 bevindt zich in archief-Hermans nog een correctie-exemplaar van de veertiende druk (WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Nooit meer slapen [11]), met daarin twee minieme correcties. Omdat dit exemplaar verder geen rol speelt in de herziening van Nooit meer slapen, maakt het geen onderdeel uit van de tekstgeschiedenis.
[37] Hermans aan Frans Janssen, 21 oktober 1978, doorslag in archief-Hermans.
[38] Hermans dankte deze verandering aan Frans Janssen: ‘Ik ben benieuwd hoe de nieuwe versie van Nooit meer Slapen ontvangen zal worden. De verandering in hoofdst. 46 is, als ik het me goed herinner ook aan jou te danken, omdat je de eerste verandering (Arne terugvinden) niet goed vond, wat ik ten slotte met je eens was. Naar huis zonder kompas is meer to the point in verband met het schreden tellen.’ (Hermans aan Frans Janssen, 25 april 1979, doorslag in archief-Hermans). Zie voor de toegevoegde passage p. 706 van de editie: ‘Door mijn voetstappen te tellen […] Ik kan en mag haar niet teleurstellen.’
[39] Na inzending van het kopijexemplaar had Hermans de uitgeverij verzocht om zijn kopijexemplaar weer terug te sturen: ‘Ook verdient het mogelijk aanbeveling het gecorrigeerde exemplaar nog eens naar mij terug te sturen, tegen dat het werkelijk zo ver is, dat de herdruk moet worden gemaakt.’ (Hermans aan De Bezige Bij, 14 augustus 1978, doorslag in archief-Hermans), maar het archief-Hermans bevat geen aanwijzingen dat Hermans op het moment van deze proefcorrectie al weer over het kopijexemplaar beschikte.
[40] Citaat in de editie op p. 607.
[41] Het (later nog redactioneel gewijzigde) citaat staat in de editie op p. 610, de eerdere versie op de proef luidde: ‘- Maar tegen die tijd, zegt Mikkelsen, worden dat kwestie van toeval. Net zoals nu sommige mensen beroemd worden om dingen die niets bijzonders zijn. Net zoals nu: 100 000 meisjes van wie niemand ooit gehoord heeft, hebben goed figuur en maar eentje wordt Miss Universe en komt in de krant.’
[42] Willem Frederik Hermans, ‘Bijzonder aardig; prima, prima’. In: NRC-Handelsblad, 29 september 1978. Herdrukt in Houten leeuwen en leeuwen van goud (1979), nu in: Willem Frederik Hermans, Volledige Werken, deel 12. Amsterdam 2006, p. 815-826. Zie ook de Commentaar hierbij op p. 955-956.
[43] Zie hierboven noot 37.
[44] In de correspondentie met de Bezige Bij werd Hermans al een revisieproef voor medio november in het vooruitzicht gesteld. De hier beschreven correctieproef ontving Hermans pas in de tweede helft van december om die op 25 december 1978 gecorrigeerd weer terug te sturen naar De Bezige Bij (De Bezige Bij aan Hermans, 9 november 1978 en Hermans aan De Bezige Bij, 25 december 1978, origineel resp. doorslag in archief-Hermans). Het is niet waarschijnlijk dat er een voorafgaande revisieproef in november is geweest. Een laatste proef (‘gaarne ozalid’) waarvan op het eerste vel van de revisieproef sprake is, is niet overgeleverd. De correspondentie in het archief-Hermans geeft geen informatie over datering en eventuele correctie van die laatste proef.
[45] Het gaat om het fragment ‘- Is er, zeg ik, en ik weet dat ik het alleen maar zeg om mij de moed niet geheel in de schoenen te laten zinken, is er, denkt u, hier in de buurt, geen enkele andere plaats waar ik luchtfoto’s krijgen kan? […] Hij lacht, hij zucht en hij besluit:’ (p. 466 in de editie).
[46] Hermans bracht de verandering aan naar aanleiding van een opmerking van Frans Janssen in een brief aan Hermans van 27 oktober 1978 (archief-Hermans).
[47] Voor de zeventiende druk gaf Hermans geen correcties door, hij had ‘afgezien van minder fraai zetwerk hier en daar’ geen fouten gevonden (Hermans aan De Bezige Bij, 30 november 1980, doorslag in archief-Hermans).
[48] Frans Janssen aan Hermans, 8 november 1982, en Hermans aan Janssen, 17 november 1982, origineel resp. doorslag in archief-Hermans.
[49] ‘Op het eikehouten bureautje waaraan hij zit, staat alleen een telefoon en door een goedkope zonnebril, staart hij roerloos voor zich uit.’ werd ‘Op het eikehouten bureautje waaraan hij zit, staat alleen een telefoon, en door een goedkope zonnebril staart hij roerloos voor zich uit.’ (editie p. 411).
[50] Voorafgaand aan deze druk verscheen in december 1985 een uitgave van Nooit meer slapen in de Grote Letter Bibliotheek, bibliografisch de twintigste druk van de roman. Zie Janssen, Van Stek (red.), Het bibliografische universum van Willem Frederik Hermans. (ook op: http://www.willemfrederikhermans.nl/), JS-nummer 248.
[51] Rob Delvigne aan Hermans, 24 januari 1988, archief-Hermans.
[52] Lesley Gilbert, ‘A study of the textual variants in the 1966-1, 1977 and 1981 editions of W.F. Hermans’ Nooit meer slapen’. In: Dutch crossing. A journal for students of Dutch, afl. 27, dec.1985, p. 52-94, de geciteerde passage in een voetnoot op pagina 89-90.
[53] Hermans aan Rob Delvigne, 19 februari 1988, doorslag in archief-Hermans.
[54] Hermans aan Rob Delvigne, 5 maart 1988, doorslag in archief-Hermans.
[55] De fout bij het dialoogstreepje werd in de vijfentwintigste druk alsnog hersteld.
[56] Kort na het verschijnen van de eerste druk van Nooit meer slapen in 1966 verklaarde Hermans dat hij het citaat toen al als motto bij de roman had willen gebruiken. Zie hiervoor de Commentaar bij Nooit meer slapen in de editie, p. 777.
[57] De drukaanduiding die Hermans hanteert volgt de drukaanduiding in de roman. Bibliografisch gezien gaat het om een correctie-exemplaar van de drieëntwintigste druk voor de vierentwintigste druk van Nooit meer slapen. Zie hiervoor Janssen, Van Stek (red.), Het bibliografische universum van Willem Frederik Hermans. (ook op: http://www.willemfrederikhermans.nl/), JS-nummers 251 en 252, en hierboven de noten 33 en 50.
[58] Zie hierboven bij de beschrijving van correctie-exemplaar D10m5.
[59] Omdat elders in Nooit meer slapen vanaf de eerste druk al wel de schrijfwijze ‘medailles’ voorkomt, bleef de schrijfwijze van dit woordje inconsequent. Die inconsequentie is in de editie gehandhaafd.
[60] Zie voor de (ongewijzigd gebleven) zin de editie p. 642.
[61] In het archief-Hermans en in het archief van De Bezige Bij is geen correspondentie met De Bezige Bij overgeleverd die betrekking heeft op de totstandkoming van de drieëntwintigste en vierentwintigste druk van Nooit meer slapen.
[62] Hermans aan Rob Delvigne, 22 juni 1991, doorslag in archief-Hermans.
[63] Hermans aan Ton Anbeek, 15 oktober 1991, doorslag in archief-Hermans. De brief van Anbeek aan Hermans ontbreekt in het archief-Hermans. Zie hiervoor ook Ton Anbeek, ‘Een boek vol fouten?’ In: Casper Gijzen, Johan den Hartog, Arjan Berben (red.), Een boek vol fouten. Leiden 1992, p. 9-10.
[64] Hermans aan Gerry Bruil, 7 oktober 1992, doorslag in archief-Hermans. Op 12 januari 1993 schreef De Bezige Bij aan Hermans dat de drukproeven van Nooit meer slapen ‘binnenkort ook zullen komen’ (archief-Hermans). Overige informatie met betrekking tot de totstandkoming van de vijfentwintigste druk van Nooit meer slapen ontbreekt.
[65] Hermans aan Frans Janssen, 23 januari 1993, doorslag in archief-Hermans.


De tekstbezorging van Nooit meer slapen

De tekstbezorging bestaat uit drie lijsten. Bij de editeursingrepen wordt een overzicht gegeven van alle correcties die in de geëditeerde tekst zijn aangebracht. De twee andere lijsten geven overzichten van witregels die in de editie van Nooit meer slapen samenvallen met het einde van een pagina en koppeltekens die voorkomen aan het einde van een regel.

Editeursingrepen

In de uitgave van Nooit meer slapen in de Volledige Werken zijn, op grond van het kritisch onderzoek van de basistekst (vijfentwintigste druk, 1993 (D23)) en de tekstvergelijking van voorafgaande boekdrukken en overige primaire en secundaire documentaire bronnen die relevant zijn voor de tekstgeschiedenis, de hieronder volgende correcties in de basistekst aangebracht. Na het paginacijfer en het regelnummer van de boekuitgave wordt eerst de verbeterde lezing vermeld, gevolgd door de oorspronkelijke, foutieve lezing van de basistekst. Indien een of meer voorafgaande versies de juiste lezing hebben wordt daarna via het sigle verwezen naar de meest recente tekstversie met deze lezing.

p. 415, r. 34

[witregel] Zijn stem is tegelijkertijd

Zijn stem is tegelijkertijd

D24

p. 420, r. 8-9

Ik laat mij door mijn knieën zakken

Ik laat mij door mijn knieen zakken

D24

p. 427, r. 34

[witregel] Nummedal zit mij wetenswaardigheden

Nummedal zit mij wetenswaardigheden

D24

p. 442, r. 20

[witregel] Water in mijn oren,

Water in mijn oren,

D24

p. 556, r. 35

nu zo’n antwoord?).

nu zo’n antwoord?)

D24


Witregels

Op de volgende pagina’s in de uitgave van Nooit meer slapen valt het staartwit van de pagina samen met een witregel:

p. 426
p. 432
p. 438
p. 440
p. 442
p. 448
p. 453
p. 455
p. 458
p. 462
p. 466
p. 468
p. 478
p. 481
p. 490
p. 519
p. 522
p. 536
p. 550
p. 565
p. 568
p. 600
p. 603
p. 633
p. 641
p. 661
p. 665
p. 680
p. 684
p. 697


Koppeltekens

In de uitgave van Nooit meer slapen moeten de afbrekingstekens in de hieronder vermelde woorden als koppelteken gelezen worden:

p. 468, r. 27-28 Nederlands-Engels
p. 496, r. 25-26 Lap-zijn
p. 506, r. 28-29 Noord-Amerika
p. 633, r. 29-30 noord-zuid
p. 660, r. 33-34 Rivo-elv



Naar boven