Ik draag geen helm met vederbos (1979)

vederbos


Inleiding

Na het succes van Houten leeuwen en leeuwen van goud (maart 1979) kwam Hermans in het najaar van 1979 met een nieuwe bundel beschouwingen, Ik draag geen helm met vederbos. Hermans selecteerde voor deze bundel vierendertig stukken die hij eerder (vanaf 1976 tot mei 1979) had geschreven voor onder andere de dagbladen Het Parool en NRC Handelsblad en voor enkele tijdschriften (Nieuwsnet, Hollands Diep, Skoop en Bzzlletin). Hermans bracht de bijdragen onder in vijf thematische afdelingen en nam als voorwoord de voor de gelegenheid herschreven Bijkaart-column ‘De Koning en de baard van Pronk’ op. Ik draag geen helm met vederbos werd nooit herdrukt. De eerste druk vormt daarom het uitgangspunt voor de tekst van de editie.

De tekstgeschiedenis van Ik draag geen helm met vederbos biedt een overzicht van alle in het onderzoek gebruikte documentaire primaire bronnen, met bibliografische verwijzingen naar gedrukt materiaal en beschrijvingen van niet-openbaar toegankelijk archiefmateriaal; dit onderdeel bevat bovendien uniek beeldmateriaal uit het archief-Hermans.

De tekstbezorging van Ik draag geen helm met vederbos bestaat uit drie lijsten. Bij de editeursingrepen wordt een overzicht gegeven van alle correcties die in de geëditeerde tekst zijn aangebracht. De twee andere lijsten geven overzichten van witregels die in de editie van Ik draag geen helm met vederbos samenvallen met het einde van een pagina en van koppeltekens die voorkomen aan het einde van een regel.


De tekstgeschiedenis van Ik draag geen helm met vederbos

De hieronder gepresenteerde lijst biedt een beknopt overzicht van alle overgeleverde primaire documentaire bronnen van Ik draag geen helm met vederbos die van belang zijn voor de tekstgeschiedenis van de bundel. Deze zogenaamde ‘overlevering’ bestaat per bron uit drie onderdelen: een gecodeerde aanduiding van de bron (het sigle), een korte beschrijving van de bron met een datering en, indien van toepassing, een verwijzing naar de relevante nummers in de primaire Hermans-bibliografieën Het bibliografische universum van Willem Frederik Hermans van Janssen en Van Stek (verder: JS) of Schrijven is verbluffen van Delvigne en Janssen (verder: DJ).[1]
Alle niet-openbaar toegankelijke bronnen krijgen een beknopte documentaire beschrijving die direct vanuit de overlevering aanklikbaar is. De bronbeschrijvingen kunnen ook in chronologische volgorde worden geraadpleegd. Deze beschrijvingen geven via een aantal illustratieve voorbeelden aan hoe Hermans zijn teksten in de loop van een groot aantal jaren herzag en gaan ook in op de rol van derden (uitgevers, redacteuren, typografen, zetters, correctoren en lezers) bij dit voortdurende proces van herzien en verbeteren.[2] Aan de beschrijvingen gaat een korte bibliografische typering vooraf: deze bestaat achtereenvolgens uit het sigle, de beknopte beschrijving van de bron, paginering, datering, een verwijzing naar de plaats van herkomst en een eventuele signatuur. Bij bronnenmateriaal uit het archief-Hermans is een representatieve afbeelding toegevoegd.

[1]Zie voor een meer uitgebreide toelichting bij de Overlevering de Inleiding bij de Tekstgeschiedenis van de roman Conserve (Volledige Werken Deel 1).
[2] Uit het archiefonderzoek voor de tekstconstitutie blijkt dat Hermans incidenteel ook wijzigingen aanbracht in teksten die in een bloemlezing werden opgenomen. Ook die krijgen een aparte bronbeschrijving. Primaire bronnen zonder inhoudelijke correcties, die wel zijn opgenomen in Het bibliografische universum, krijgen geen aparte beschrijving.


Overlevering

verwijst naar een afbeelding afkomstig uit het archief-Hermans

T1 ‘De toegankelijkheid van India’ in Hollands Diep (1976) (DJ 523)
T2 ‘Voor honger wijkt alles’ in Hollands Diep (1976) (DJ 529)
T3 ‘Bloed & bodem of waarheid en ideologie’ in Hollands Diep (1976) (DJ 548)
T4 ‘Een Pronkstuk van ontwikkelingshulp’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) in Het Parool (1977) (DJ 573)
T5 ‘Een wonderwerk. Het Centre Pompidou’ in NRC Handelsblad (1977) (DJ 574)
T6 ‘Hoe het niet moet’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) in Het Parool (1977) (DJ 576)
T7 ‘Cultureel Luilekkerland’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) in Het Parool (1977) (DJ 577)
T8 ‘Céline en de haat’ in Hollands Diep (1977) (DJ 587)
T9 ‘Eeuwig duren de helden’ in NRC Handelsblad (1977) (DJ 593)
T10 ‘Idiote schilderijen’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) in Het Parool (1977) (DJ 605)
T11 ‘De tastbare metaforen van O.V. de L. Milosz’ in NRC Handelsblad (1977) (DJ 609)
T12 ‘De jeugd van de tovenaarsleerling. Guillaume Apollinaire, het literaire genie uit de gelukkigste jaren van onze geschiedenis’ in NRC Handelsblad (1977) (DJ 613)
T13 ‘Achterberg’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) in Het Parool (1977) (DJ 616)
T14 ‘Burgemeester en literator. Jules Renard, één van Sartre’s zwarte schapen’ in NRC Handelsblad (1977) (DJ 619)
T15 ‘Wim Kok moet ook professor worden’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) in Het Parool (1977) (DJ 621)
T16 ‘Om zijn eigen ‘‘pens vol te krijgen’’’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) in Het Parool (1977) (DJ 624)
T17 ‘Ook Rudi Dutschke moet prof worden’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) in Het Parool (1977) (DJ 625)
T18 ‘Oorsprong en wezen van het kapitalisme’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) in Het Parool (1977) (DJ 628)
T19 ‘Het onderscheid tussen dichters en rijmelaars. Gevleugelde woorden’ in NRC Handelsblad (1977) (DJ 633)
T20 ‘Ook Rudi Dutschke moet prof worden’ in Wetenschap en Democratie [1] (1977)
T21 ‘Krijgsgevangene Bakker Schut’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) in Het Parool (1977) (DJ 641)
T22 ‘Hoe naïef was Atget?’ in NRC Handelsblad (1978) (DJ 652)
T23 ‘Een jaar Centre Pompidou’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) in Het Parool (1978) (DJ 653)
T[4, 6, 7, 10, 13, 15-18, 21, 23]m1 Knipsels met correcties bij bijdragen in Het Parool
T24 ‘Liane’s blauwe schriften’ in NRC Handelsblad (1978) (DJ 656)
T25 ‘Een museum voor aanplakbiljetten’ in NRC Handelsblad (1978) (DJ 667)
T26 ‘Had Hitler toch gelijk?. Willem Frederik Hermans over Pastorale 1943’ in Skoop (1978) (DJ 672)
T27 ‘Zonder vliegtuigen en zonder radio’ in NRC Handelsblad (1978) (DJ 673)
T28 ‘Wat ik graag mag lezen’ in NRC Handelsblad (1978) (DJ 678)
T29 ‘De Koning en de baard van Pronk’ (‘Van Age Bijkaart, uit Parijs’) (1978) (DJ 692)
T30 ‘Pleidooi voor een nieuwe hofmeier’ in NRC Handelsblad (1978) (DJ 710)
T31 ‘Een boek der boeken’ in NRC Handelsblad (1978) (DJ 712)
T32 ‘Van Deyssels dandyisme’ in NRC Handelsblad (1979) (DJ 721)
T33 ‘Bordewijks jeugdportret’ in NRC Handelsblad (1979) (DJ 729)
T34 ‘Uit mijn dagboek’ in NRC Handelsblad (1979) (DJ 734)
T35 ‘De arme minister Pais’ (‘Bijkaart, Parijs’) in Nieuwsnet (1979) (DJ 737)
T35m2 Knipsel met correctie bij bijdrage in Nieuwsnet
T36 ‘Over de Profundis o.a.’ in Bzzlletin (1979) (DJ 738)
T[1-3, 5, 8, 9, 11, 12, 14, 20, 22, 24-28, 30-34, 36]m3 Knipsels met correcties bij bijdragen in Hollands Diep, NRC Handelsblad, Skoop en Bzzlletin
P1 Drukproef voor de eerste druk van Ik draag geen helm met vederbos (1979)
D1 Eerste druk van Ik draag geen helm met vederbos (1979) (JS 352)
D1m1 Correctie-exemplaar van de eerste druk van Ik draag geen helm met vederbos

[1] In: Wetenschap en Democratie, 4 (1977-1978), afl. 2 (december 1977), p. 90-91. De herdrukte bijdrage wijkt op details af van de eerder gepubliceerde tekst in Het Parool. De redactie van dit tijdschrift benaderde Hermans in november 1977 met het verzoek de Parool-bijdrage over te nemen in het decembernummer van Wetenschap en Democratie, waarvan de revisie van de proeven moesten plaatsvinden rond 20 november. Onderaan de brief noteerde Hermans in handschrift ‘telegrafisch toestemmend beantwoord’. (M.J. Broekmeyer aan Hermans, 11 november 1977, archief-Hermans.)


Bronbeschrijvingen van Ik draag geen helm met vederbos

T[4, 6, 7, 10, 13, 15-18, 21, 23]m1
Knipsels met correcties bij bijdragen in Het Parool
Letterkundig Museum
WFH (Knipsels) Het Parool (nrs. 121-180) en (nrs. 181-232)

Hermans verzamelde in Het Parool gepubliceerde Bijkaart-stukken in een aparte map, waaruit hij voor verschillende essaybundels stukken selecteerde. Eenmaal hergebruikte teksten voorzag hij van de opmerking ‘herdrukt’. Nadat hij in 1978 voor Houten leeuwen en leeuwen van goud zeven bijdragen van Bijkaart had uitgekozen,[1] nam hij in Ik draag geen helm met vederbos elf teksten op, waaronder het eerder nog in de map als ‘te flauw’ voor hergebruik aangemerkte ‘Hoe het niet moet’ (T6 ).
De meeste van de in Ik draag geen helm met vederbos opgenomen stukjes uit deze map hebben geen of geringe correcties. In de marge van het stuk over Achterberg, waarin hij ook een wijziging aanbracht in een Achterberg-citaat, noteerde Hermans ‘braque=gek’, wat in de boekpublicatie leidde tot de toegevoegde zin ‘Het Franse woord “braque” (= gek) kent bijna niemand in Nederland’.[2] In ‘Krijgsgevangene Bakker Schut’ schrapte Hermans, waarschijnlijk naar aanleiding van een ingezonden brief in Het Parool van 30 december 1977, drie passages over Amnesty International. In de Bijkaart-map bewaarde Hermans een reactie op deze ingezonden brief.[3] Onderaan het knipsel voegde hij bovendien een extra zin toe, die in de gewijzigde versie in Ik draag geen helm met vederbos onderdeel uitmaakt van een nieuw slot van het stuk.

_DSC0011

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


T35m2
Knipsel met correctie bij bijdrage in Nieuwsnet
Letterkundig Museum
WFH (Knipsels) Nieuwsnet

De Bijkaart-columns die Hermans in Nieuwsnet publiceerde, archiveerde hij in een aparte Nieuwsnet-map. Hermans gebruikte deze map bij het samenstellen van latere essaybundels, waaronder Klaas kwam niet.[4] In deze map bevindt zich een knipsel van ‘De arme minister Pais’ met daarin enkele minieme correcties. Hermans nam die gedeeltelijk over bij de herpublicatie van het stuk in Ik draag geen helm met vederbos.

_DSC0010

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


T[1-3, 5, 8, 9, 11, 12, 14, 20, 22, 24-28, 30-34, 36]m3
Knipsels met correcties bij bijdragen in Hollands Diep, NRC Handelsblad, Skoop en Bzzlletin
Letterkundig Museum
WFH (Knipsels) Hollands Diep (gf)

In de map ‘Hollands Diep’ verzamelde Hermans op kettingpapier een grote hoeveelheid bijdragen die hij vanaf 1975 tot en met 1988 in tal van dagbladen en tijdschriften publiceerde. Zeventien van deze bijdragen nam hij al eerder op in Houten leeuwen en leeuwen van goud,[5] voor Ik draag geen helm met vederbos selecteerde hij tweeëntwintig stukken uit deze map. Zestien daarvan waren afkomstig uit NRC Handelsblad, vier uit Hollands Diep; Skoop en Bzzlletin waren beide goed voor één bijdrage.
De meeste knipsels in de map hebben geen of alleen enkele redactionele verbeteringen. Iets meer (voornamelijk ook weer redactionele) correcties bracht Hermans aan bij ‘Céline en de haat’. Daar verbeterde hij onder andere de schrijfwijze van eigennamen en personages en corrigeerde hij dateringen en Franstalige citaten. Hij voegde bovendien enkele zinnetjes toe, die (soms in opnieuw iets gewijzigde vorm) ook overgenomen werden in Ik draag geen helm met vederbos. Daarin zou Hermans uiteindelijk de bijdragen ‘Celine en de haat’ en het ook in de Hollands Diep-map bewaarde stuk ‘Uit mijn dagboek’ tot één bijdrage samenvoegen.

_DSC0004

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


P1
Drukproef voor de eerste druk van Ik draag geen helm met vederbos
Juli-september 1979
Letterkundig Museum
Archief Uitgeverij De Bezige Bij

In het archief van Uitgeverij De Bezige Bij bevindt zich een strokenproef van Ik draag geen helm met vederbos. Het gaat om een eerste proef, die zowel door Hermans als door een redacteur van de uitgeverij is gecorrigeerd. Een datumstempel en dateringen in handschrift op de eerste pagina maken duidelijk dat de proef gereedkwam op 26 juli 1979, en ruim drie weken later, op 20 augustus, rondde Hermans zijn correctie af. De proef werd hierna opnieuw bij de uitgeverij doorgenomen, waarna de proef twee weken later, op 4 september, naar de zetter ging voor het maken van de revisie.
De vellen van de strokenproef, die alleen bestaat uit de inhoudsopgave en de hoofdtekst, zijn voorzien van een nummering in handschrift. De volgorde van de teksten in de eerste afdeling wijkt af van die in het boek en zou pas op een veel later moment in het productieproces veranderd worden om een illustratie over twee pagina’s van een knipsel uit De Telegraaf mogelijk te maken.[6] Bij de proef ontbreken nawerk (Herkomst der illustraties, Plaatsen en data van eerste publicatie, Aantekeningen en Register) en illustraties. Die laatste ontving Hermans afzonderlijk na inzending van de gecorrigeerde proef.[7]
De proef bevat correcties in verschillende kleuren inkt, waarbij het rood meestal afkomstig is van de redacteur. Meestal gaat het om kleine wijzigingen: Hermans verbeterde (veel) zetfouten, bracht wijzigingen aan in de interpunctie en in de geleding van de tekst in witregels en alinea’s en kwam daarnaast ook met kleine inhoudelijke, maar verder met voornamelijk stilistische herzieningen. Bij ‘De arme minister Pais’ formuleerde Hermans op de proef een nieuwe slotzin: ‘Tot hij er doof van wordt en aanspraak maken kan op een invaliditeitsuitkering.’ Vergelijkbaar is de toevoeging, na een witregel, van een naschrift bij ‘Cultureel Luilekkerland’: ‘1979. Alle hoop is nog niet verloren. De lieve gastvrouwtjes zijn gedeeltelijk vervangen door potige knapen met 9mm pistolen op de heup.)’ Er zijn bovendien de nodige correcties in dateringen (of voorstellen daartoe van de redacteur, die niet altijd werden overgenomen door Hermans) en eigennamen. Opvallend detail is dat Hermans op de proef de schrijfwijze van de vicomte Ponson de Terrail veranderde naar Ponson du Terrail, om dat in zijn latere correctie-exemplaar van de eerste druk (D1m1, zie hieronder) weer terug te verbeteren.
Bij de correctie ging bijzondere aandacht uit naar een juiste weergave van citaten. Zo noteerde Hermans, dit keer met groene inkt, in de marge bij zijn artikel over Céline: ‘Attentie!!! Het gebruik van hoofdletters in de boektitels in het citaat (eerste alinea’s bovenaan) is in overeenstemming met de oorspronkelijke tekst gebracht en moet dus zo blijven.’ Elders op de proef bracht Hermans vergelijkbare opmerkingen aan en ook de redacteur van De Bezige Bij deed haar best om te zorgen voor een juiste weergave van de citaten. In de marge bij citaten in ‘De jeugd van de tovenaarsleerling’ (over Apollinaire) schreef zij: ‘Zetter: punten in 2 citaten weggehaald hier, (zoals in het origineel).’
Hoewel de illustraties bij deze proef nog ontbraken, waren de onderschriften daarbij al wel afgedrukt, steeds aan het eind van het betreffende artikel, en dat was niet altijd goed gegaan. Ook hier lette Hermans op details, getuige opmerkingen als ‘onderschrift bij plaatje meefotograferen’ en ‘deze teksten moeten van de foto’s meegefotografeerd worden, want die teksten zijn niet van mij.’

_DSC0013

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]


D1m1
Correctie-exemplaar van de eerste druk van Ik draag geen helm met vederbos
Omvang: 408 pagina’s
Letterkundig Museum
WFH (Boeken) Primair/Met Aantekeningen/Ik draag geen helm met vederbos

Een exemplaar van de eerste druk van Ik draag geen helm met vederbos, met op de versozijde van het omslag Hermans’ handtekening met de datering ‘Parijs 17 nov. ’79’, gebruikte hij als werkexemplaar voor het aanbrengen van correcties voor een eventuele herdruk van de bundel, die er echter nooit zou komen. De Franse titelpagina verwijst naar dertien wijzigingen, het boek zelf bevat er nog enkele meer. Hermans bracht onder andere verbeteringen aan in citaten, in de schrijfwijze van eigennamen en dateringen, corrigeerde enkele duidelijke zetfouten, en voegde ‘Binnendijk, D.A.M.’ toe aan het namenregister achterin de bundel. Op twee plaatsen in het boek wijzen aanduidingen in de marge op het voornemen om een nieuwe ‘Aantekening’ achterin het boek toe te voegen. Ook noteerde hij in de marge van het stuk over Céline ‘fout’, bij de mededeling tussen haakjes in de zin ‘In 1936 bestonden er twee versies: de ‘‘édition originale’’, op duur papier en volledig (d.w.z. identiek aan de latere ‘‘Pléiade’’-versie) en de gewone editie waaruit heel wat obsceens was weggelaten.’ De foto’s van het hotel in Stavelot waar Apollinaire logeerde waren, volgens een correctie bij de verantwoording van de illustraties, niet van Philip Mechanicus, maar van K. Schippers.
Ingevoegd bij de ‘Aantekeningen’ achterin het boek bevindt zich een doorslag van een typoscript van een nieuwe versie van de ‘Aantekeningen’ bij het Bordewijk-stuk, zoals Hermans dat gebruikt had voor een in 1982 verschenen herdruk van deze tekst in het boekje Over F. Bordewijk. Een inleiding en een chronologie, geschreven portretten, essays en meningen.[8] Dit correctie-exemplaar van Ik draag geen helm met vederbos bevat bovendien een presentkaartje van de uitgeverij, een ansichtkaart, twee brieven en enkele knipsels.

Overzicht van inhoudelijke en stilistische correcties in D1m1.

_DSC0014

© foto Rob Mostert [Terug naar overlevering]



[1] Zie hiervoor de tekstgeschiedenis van Houten leeuwen en leeuwen van goud (T[20, 23, 26, 29, 31, 33, 36]m3).
[2] De uitbreiding voert waarschijnlijk terug op een brief van Frida Balk-Smit Duyzentkunst aan Hermans (21 oktober 1977, archief-Hermans). Zie hiervoor de Commentaar bij Ik draag geen helm met vederbos in Willem Frederik Hermans, Volledige Werken, deel 13. Amsterdam 2010, p. 857.
[3] De ingezonden brief ‘Amnesty’ van P. van Daalen verscheen in Het Parool van 4 januari 1978. Zie ook de Commentaar bij Ik draag geen helm met Vederbos in de editie, p.843, en Annemarie Kets-Vree, ‘Ontstaan en publicatie van Bijkaarts Boze Brieven.
[4] Zie hiervoor de tekstgeschiedenis van Klaas kwam niet (T[10, 12, 14, 18-20, 22, 26-28, 30-34, 36, 38]m2).
[5] Zie hiervoor de tekstgeschiedenis van Houten leeuwen en leeuwen van goud
(T[12-17, 19, 21, 22, 24, 25, 27, 30, 32, 34, 35]m2).
[6] Op 2 november 1979 schreef Hermans aan Frans Janssen: ‘Ten gunste van een over twee pagina’s te plaatsen foto, die in het hart van een katern moest, is op het allerlaatst de volgorde van de eerste hoofdstukken ter uitgeverij veranderd.’ (archief-Hermans)
[7] ‘Ziehier de verbeterde plaatjes. […] / Wellicht wilt u nu ook alle plaatjes voorzien van uw op- of aanmerkingen aan ons terug sturen, dan kan ik het laten opmaken. / Over enige tijd zenden we u dan de opgemaakte revisieproef.’ Uitgeverij De Bezige Bij (Ernst Nagel) aan Hermans, 22 augustus 1979, archief-Hermans.
[8] Over F. Bordewijk. Een inleiding en een chronologie, geschreven portretten, essays en meningen. Den Haag 1982, p. 31-43, een uitgave onder redactie van Pierre H. Dubois e.a., die door uitgeverij Nijgh & Van Ditmar werd gepubliceerd ter gelegenheid van het verschijnen van deel I van Bordewijks Verzameld Werk. Behalve de gewijzigde versie van de aantekeningen is de tekst van de herdruk ook redactioneel aangepast. Onder andere de indeling in alinea’s wijkt fors af van die in Ik draag geen helm met vederbos. In de correspondentie met Nijgh en Van Ditmar in het archief-Hermans bevindt zich een tweede, identiek exemplaar van het typoscript ‘Aantekeningen’ (Bijlage bij brief Hermans aan Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar, 9 juli 1982, archief-Hermans). Zie ook de Commentaar bij Ik draag geen helm met vederbos in de editie, p. 869-872.


Correcties in het auteursexemplaar van de eerste druk van Ik draag geen helm met vederbos

De hieronder gepresenteerde lijst geeft een overzicht van stilistische en inhoudelijke herzieningen in het correctie-exemplaar van de eerste druk van Ik draag geen helm met vederbos (D1m1). Vanwege de niet-definitieve status van dit materiaal zijn deze herzieningen niet in de editie overgenomen. Correcties van evidente zetfouten, met inbegrip van verbeteringen die Hermans aanbracht in citaten, zijn wel verwerkt in de editie. Zie daarvoor de lijst met editeursingrepen.
Na het paginacijfer en het regelnummer van de tekst van de editie volgt eerst de daarbij horende tekst, gevolgd door de herziene tekst volgens het correctie-exemplaar.

p. 109, r. 2-3 ( identiek aan de latere ‘Pléiade’-versie) ( identiek aan de latere ‘Pléiade’-versie) [hierbij in de marge: ‘fout’]
p. 138, r. 21 inmiddels totaal verouderde inmiddels verouderde
p. 164, r. 27 verlies zich schiep.’ verlies zich schiep.’*
p. 209, r .31 tal van anderen, tal van andere,
p. 298, r. 15 het Nederlands verzet het Nederlandse verzet

De tekstbezorging van Ik draag geen helm met vederbos

De tekstbezorging bestaat uit drie lijsten. Bij de editeursingrepen wordt een overzicht gegeven van alle correcties die in de geëditeerde tekst zijn aangebracht. De twee andere lijsten geven overzichten van witregels die in de editie van Ik draag geen helm met vederbos samenvallen met het einde van een pagina en koppeltekens die voorkomen aan het einde van een regel.

Editeursingrepen

In de uitgave van Ik draag geen helm met vederbos in de Volledige Werken zijn, op grond van het kritisch onderzoek van de basistekst (D1) en de tekstvergelijking van voorafgaande boekdrukken, tijdschriftpublicaties en overige primaire en secundaire documentaire bronnen die relevant zijn voor de tekstgeschiedenis, de hieronder volgende correcties in de basistekst aangebracht. Na het paginacijfer en het regelnummer van de boekuitgave wordt eerst de verbeterde lezing vermeld, gevolgd door de oorspronkelijke, foutieve lezing van de basistekst. Indien een of meer voorafgaande versies de juiste lezing hebben wordt daarna via het sigle verwezen naar de meest recente tekstversie met deze lezing.

p. 34, r. 13-15 dutschke [witregel] De voormalige dutschke [alinea] De voormalige T20
p. 69, r. 20-22 Conversatie [witregel] Doe een Conversatie [alinea] Doe een T32
p. 69, r. 27-28 en blijf erover vertellen. en blijf er erover vertellen. T32
p. 78, r. 15 verscheen in 1938. verscheen in 1937. D1m1
p. 78, r. 24 indruk op mij. indruk op mij.* D1m1
p. 147, r. 32 Mickiewicz, Goethe, Byron Miekiewicz, Goethe, Byron P1
p. 172, r. 6-8 de profundis [witregel] Wij zijn de profundis [alinea] Wij zijn T36
p. 174, r. 1-3 hoeven God roepen [alinea] met haar hoeven God [alinea] roepen met haar T36
p. 178, r. 15 Van den heirweg, waar Van den heirweg waar D1m1
p. 193, r. 10 Eeuwigdurende helden Eeuwig durende helden D1m1
p. 194, r. 4 Ponson du Terrail Ponson de Terrail D1m1
p. [199], r. 27 Ponson du Terrail Ponson de Terrail D1m1
p. 201, r. 3 kwam, o foei kwam o foei P1
p. 201, r. 21 Ponson du Terrail Ponson de Terrail D1m1
p. 225, r. 7 nadert,’’ sprak hij, ‘‘daarom nadert,’’ sprak hij. ‘‘daarom T31
p. 231, r. 13 reïncarnatie van andré reincarnatie van andre T5
p. 243, r. 15 ‘hostesses’ met lieve ‘hostessses’ met lieve T7
p. 270, r. 13-14 geschreven heb, doet geschreven heb*, doet
p. [295], r. 34 je ten onrechte je ter onrechte D1m1
p. 332, r. 9-10 Spaanse Caroline Otéro Spaanse Caroline Otero
p. 341, r. 35/ p. 342, r. 1 1919, ‘waren echte 1919, waren echte T24
p. 352, r. 15 een machiavellistisch standpunt een macchiavellistisch standpunt T14
p. 358, r. 18 een eerste roman vastzitten een eerste romen vastzitten P1
p. 369, r. 11 de largot, Paris 1931 de largot, Paris 1936 D1m1
p. 372, r. 18-22 [opgenomen bij ‘Aantekeningen’]De tuchthuisboef […] Providence!’ [opgenomen onderaan ‘Over De Profundis o.a.’]De tuchthuisboef […] Providence!’
p. 375, r. 22 Binnendijk, D.A.M. [ontbreekt] D1m1
p. 379, r. 23 Mickiewicz Miekiewicz D1m1
p. 380, r. 20 Ponson du Terrail Ponson de Terrail D1m1

Witregels

Op de volgende pagina’s in de uitgave van Ik draag geen helm met vederbos valt het staartwit van de pagina samen met een witregel:

p. 37
p. 39
p. 43
p. 53
p. 91
p. 105
p. 117
p. 124
p. 148
p. 161
p. 163
p. 165
p. 172
p. 175
p. 243
p. 250
p. 263
p. 266
p. 270
p. 312
p. 316
p. 329
p. 342
p. 343
p. 355
p. 358
p. 368
p. 369


Koppeltekens

In de uitgave van Ik draag geen helm met vederbos moeten de afbrekingstekens in de hieronder vermelde woorden als koppelteken (en in een enkel geval als weglatingsteken) gelezen worden:

p. 11, r. 34-35 ex-ss-man
p. 12, r. 5-6 ar-fractie
p. 75, r. 19-20 Deyssel-proza
p. 108, r. 29-30 Côtes-du-Nord
p. 108, r. 35 /p. 109, r. 1 ‘Pléiade’-versie
p. 120, r. 22-23 Boudier-Bakker
p. 141, r. 31-32 negentiende-eeuwse
p. 143, r. 12-13 Noord-Nederland
p. 144, r. 11-12 oud-oom
p. 194, r. 1-2 Sainte-Beuve
p. 201, r. 17-18 Bosboom-Toussaint
p. 201, r. 20-21 Erckmann-Chatrian
p. 245, r. 14-15 anti-elitaire
p. 291, r. 28-29 niet-natuurgetrouwe
p. 296, r. 21-22 West-Europese
p. 310, r. 22-23 Vichy-regime
p. 323, r. 10-11 Midden-Afrika
p. 340, r. 4-5 ethisch-gewelddadig-anarchistische
p. 340, r. 8-9 Folies-Bergère
p. 342, r. 13-14 Mac-Mahon
p. 358, r. 29-30 psycho-analyse


Naar boven